Wanneer is een band versleten?

Je kunt eenvoudig het profiel meten met een profieldieptemeter

Een autoband vraagt weinig aandacht maar op een gegeven moment is het einde in zicht. Dan is de band versleten of te oud en moet hij vervangen worden. Maar wanneer is een band versleten?

Voor de meeste mensen is het duidelijk: de banden zijn versleten als de minimum profieldiepte is bereikt. Die minimum diepte is 1,6 mm voor zomerbanden en 4 mm voor winterbanden. Dat wordt aangegeven door richeltjes in het profiel. We raden echter aan niet tot het einde door te rijden: bij zomerbanden kun je het beste bij 3 mm profieldiepte de banden gaan vervangen.

Hoe lang kun je rijden voor een band versleten is?

De levensduur in kilometers kunnen we niet geven, daarvoor is die afhankelijk van te veel verschillende factoren. Een band op een auto waarmee veel wordt opgetrokken of afgeremd (bijvoorbeeld in de stad of bij een snelle rijstijl) zal sneller slijten dan als je meestal op de snelweg lange afstanden rijdt. Ook zitten er verschillen in het rubber. Zo kan een band 35.000 km meegaan maar ook meer dan 100.000 km. Gemiddeld kom je dan ergens rond de 65.000 km uit.

Leeftijd speelt een rol

Als een band versleten is denk je snel aan een kale band. Een band kan ook versleten zijn door de leeftijd. De week waarin de band is geproduceerd wordt met een getal van vier cijfers op de wang van de band aangegeven. Zeker als je weinig rijdt is dat een belangrijke code die veel mensen over het hoofd zien. Na pakweg zes jaar hebben factoren als zonlicht en luchtvervuiling ook een invloed op de autoband. Hij kan dan te oud zijn om veilig te gebruiken - en zo dus ook versleten. Laat dan de band controleren bij de garage of bandenspecialist om zeker te zijn dat hij nog goed is.

Hoe kun je voorkomen dat een band versleten raakt?

De levensduur van een band kun je eenvoudig verlengen:

  • Controleer de bandenspanning regelmatig. Veel mensen rijden rond met verkeerde bandenspanning en zowel te veel, als te weinig lucht zorgen voor meer slijtage op het loopvlak. En het controleren van de bandenspanning is erg eenvoudig!
  • Rijd een regelmatig tempo: voorkom abrupt remmen en optrekken. Anticipeer op het verkeer voor je.
  • Let bij parkeren op dat je de stoepranden niet raakt. En sta je geparkeerd: zorg ervoor dat de band niet half op de stoeprand staat. Dat kan gevolgen hebben voor de constructie van de band.

Lees ook