Het blood orange van de carrosserie wordt doorgevoerd in de stiksels in het interieur. Verder onderscheidt de RS zich van z'n zwakkere broeders door een setje 'racepedalen', andere klokken, leren accenten, oranje gordels en sportstoelen die gelukkig laag genoeg in te stellen zijn en genoeg steun bieden. Om van de RS een bochtenkiller te maken werd allereerst de spoorbreedte voor en achter met respectievelijk 7 en 15 mm vergroot, ten gunste van de stabiliteit. De voorwielophanging werd grondig onder handen genomen (onafhankelijk scharnierende voortrein) om deze zo min mogelijk hinder te laten ondervinden van de grote krachten die door de 2-liter turbomotor naar de voorwielen worden gejaagd. Daardoor is de tractie in bochten uitstekend, het duurt lang voordat onderstuur optreedt en dientengevolge kun je vreselijk hard de hoek om. Het binnenste voorwiel wil nog wel eens doorslaan maar wie de rechtervoet een beetje beheerst, kan dat goed binnen de perken houden. Het gevoel in het stuur en de tegendruk zijn aanmerkelijk beter dan we van de normale Mégane gewend zijn. Voor het schakelen werd de 6-bak van Nissan ingebouwd, die zich in de RS naar onze smaak wat te slap en met iets te lange slagen laat rondgaan.
Het onderstel is een uitstekend compromis tussen supersportief en comfort. Dankzij aanpassingen (turbolader, zuigers en krukas) aan de tweeliter turbomotor heeft deze nu 225 pk en 300 Nm. Daarmee sprint de RS in 6,5 seconden naar de 100 km/h en da's een prima score. Bovendien pakt de motor over een breed toerengebied op. Dat de topsnelheid 236 km/h bedraagt, geloven we wel. Om de boel weer veilig tot stilstand te brengen, zitten er Brembo-remklauwen met vier zuigers op de voorste remschijven, die een diameter van 312 mm hebben. Achter meten ze 300 mm. De elektronische rijhulpjes zoals ABS, ESP en tractiecontrole zijn aangepast aan de sportieve ambities van de RS. Met z'n prijs van € 35.695 (de vijfdeurs kost € 500 extra) is de Mégane RS scherp geprijsd. Renault verwacht jaarlijks zo'n 150 à 200 RS-en af te zetten, waarvan het grootste deel de sportiever gelijnde driedeurs. In april staat de auto bij de dealers en een vergelijkende test zit uiteraard in de koker!






