Sommige autoliefhebbers dromen van Italiaanse raspaarden of glimmende bolides uit Stuttgart. Niet Vincent Merts. Zijn autogeschiedenis begint met een Volkswagen 181, waarmee hij tussen de Ferrari’s en Porsches flaneert in Saint-Tropez. “Als je linksaf durft te gaan, waar de rest rechtsaf slaat, maak je soms de mooiste gebeurtenissen mee.”
Je eerste auto was een Kübel, zoals de Volkswagen 181 in de volksmond genoemd wordt vanwege zijn gelijkenis met het WOII-origineel. Dat is best een bijzondere eerste auto!
“De liefde voor rariteiten op autogebied heb ik van huis uit meegekregen. Mijn ouders reden ook altijd in gekke auto’s. De Volkswagen 181 kende ik al, want mijn moeder reed daarmee haar rondjes. En terwijl onze straat volstond met Volvo’s, Saab’s en Mercedessen, koos mijn vader voor een Skoda 120. Daar werden wij weleens om uitgelachen, maar in de winter startte de Tsjech wél altijd. Toen ik voor mijn eerste auto ging kijken, besloot ik dat die leuk en grappig moest zijn. Iets anders dan wat de rest had. Het werd dus geen Golfje of een Kever, maar een vierpersoons cabriolet met vier deuren. Dat concept zag je toen eigenlijk nooit.”
Zo’n militair voertuig stond vast niet bij de Volkswagen-dealer om de hoek te koop. Hoe heb je hem bemachtigd?
“Ze werden voor heel weinig aangeboden bij legerdumps. Samen met mijn vader ging ik kijken bij zo’n dump in Drenthe. Daar heerste het credo: geen garantie en geen gelul. Je kon betalen en dan kreeg je de papieren van de auto in de handen geduwd. Ik heb er 4.500 gulden voor betaald in 1991. De auto was dof uitgeslagen, maar met een flinke pot Commandant-poetsmiddel kwam de glans weer terug. De 181 was basic en functioneel, maar ook heel erg leuk. De voorruit kon plat en de portieren konden eruit. Meer cabriolet dan dat gaat het niet worden. Bovendien was hij best ruim. Nadat ik met wat vrienden stevig was doorgezakt, liet ik hen in mijn caravan overnachten en besloot ik zelf in mijn auto te slapen. Dat lag natuurlijk voor geen meter en de volgende dag was ik compleet gebroken. Dat was ergens op een kleine camping in de buurt van Saint-Tropez.”
Daar was de auto vast wel een opvallende verschijning?
“Ha, ja. Mijn rare, legergroene Volkswagen viel daar meer op dan al die peperdure sportwagens. Ik ben daar twee jaar op rij geweest met de auto. De eerste keer was met een stel vrienden. Het was een waanzinnige tijd. Ik had een Blaupunkt-radio met van die ouderwetse opbouwspeakers. Twee weken lang hebben we hetzelfde liedje geluisterd, totdat we er gek van werden. Met de 181 hebben we meermaals de schitterende Gorge du Verdon bezocht, en in mijn eentje heb ik nog de Route Napoléon gereden. Dat was allemaal prima te doen met de Volkswagen. Het jaar daarop ben ik teruggegaan om een paar maanden te werken bij een caravanverhuurbedrijf. In die tijd ontmoette ik er mijn vakantieliefde.”
Dat klinkt alsof dat nog een staartje krijgt.
“Nou en of. Het was 1995. Ik was nog jong, slank en had een volle bos haar. Ik reed mijn rondjes in de Kübel en kennelijk wist ik daarmee indruk te maken op de Duitse Daniela. Zij werd mijn vakantieliefde en wat ik nu ga vertellen is ongelofelijk. We hebben elkaar slechts vier dagen gezien, voordat zij terugging naar huis. Daarna gingen wij elk onze eigen weg, maar we hebben elkaar nog vijf jaar lang brieven gestuurd. Die heb ik altijd bewaard en laatst, bij het opruimen van de zolder, kwam ik ze weer tegen. Uit nieuwsgierigheid besloot ik Daniela een bericht te sturen. Ik was benieuwd hoe het met haar ging. We spraken af en het voelde goed. Inmiddels hebben wij samen een huis gekocht in Duitsland. Hoe bijzonder is het om decennia later te gaan samenwonen met een vakantieliefde die je ooit vier dagen hebt gezien? Als de verhuizing achter de rug is, gaan we samen op zoek naar een Volkswagen 181. Dan is de cirkel weer rond.”
Naam: Vincent Merts
Bouwjaar: 1972
Woonplaats: Nordhorn (D)
Beroep: Store auditor
Eerste auto: Volkswagen 181 ('Kübel') uit 1975
Gekocht in: 1991 voor 4.500 gulden
Droomauto: “Lamborghini LM002.”






