Opel heeft een historie van sportieve modellen met veel vermogen. We gaan op pad met vijf dynamische Opels uit de jaren 70 en 80: de Kadett B en C, de Manta A en B en de Commodore.
Voor deze reportage zijn vijf auto's bij elkaar gehaald die laten zien dat Opel niet alleen in diverse segmenten een coupé had, maar daarvan ook nog eens een voor die tijd hele hete versie had. De namen zijn Rallye, GT/E, GS/E en 400. Die klinken oudere liefhebbers nog als muziek in de oren. Alle auto's die hier optreden hadden ook nog achterwielaandrijving; de eerste snelle voorwielaandrijver van Opel was immers de Kadett D GT/E.
De deelnemers:
Manta B 400, bouwjaar 1983
Kadett C GT/E, bouwjaar 1978
Manta A GT/E, bouwjaar 1975
Kadett B Rallye, bouwjaar 1971
Commodore A GS/E, bouwjaar 1971
Opel Kadett Rallye: veel vermogen, weinig auto
Als we bij deze test alleen zouden kijken naar uiterlijk vertoon, dan hadden we nu al een winnaar. De Rallye Kadett 1900 is zonder twijfel de wildst ogende Opel op deze pagina.
Zelfs het homologatiemodel Manta 400 en de extreme Speedster Turbo hebben het nakijken. Maar die grote lampen, brede banden, de Halda Twinmaster-kilometerteller en de rolbeugel zijn er niet voor de sier. In 1971 was deze auto een serieus rallywapen. Om te bewerkstelligen dat het vermogen overeenkwam met de verwachtingen van de rallycoureurs, kreeg de motor een oppepbeurt. Daardoor levert hij geen 90 pk meer, maar 106 pk. De viercilindermotor met Weber-carburateurs komt uit de niet bijster populaire Rekord C Sprint en werd in de Kadett B gehomologeerd voor deelname aan de Group 1 van het productietoerwagenkampioenschap.
Het vermogen lijkt misschien niet zo groot, maar wie weleens met een Kadett B met 60 pk heeft gereden, weet niet wat hem overkomt. Je merkt direct dat de Rallye autosportgenen heeft; je moet hard werken in deze auto. Zwaar rochelend gaat de 1,9-liter motor aan de slag. Hij maakt niet zo gretig toeren als de motor van de Kadett Rallye 1000, maar je moet wel degelijk toeren maken om de paarden te laten galopperen, want pas boven de 4.000 tpm krijgt hij er echt zin in. We geven flink gas op het rechte stuk en gooien de Kadett in de bocht. Stoïcijns schuift hij rechtdoor; ook de grotere 60-litertank in de uit de kluiten gewassen bagageruimte weet de achterzijde niet echt in beweging te krijgen. Wel fijn is de directe besturing, die maar weinig krachtinspanning vergt. Door het grote driespaaksstuur hoef je niet over enorme armspieren te beschikken om de Opel van richting te laten veranderen. Niet al te grote bestuurders die laag in de sportstoel zitten, kunnen zich aan het stuur optrekken voor een beter zicht rondom. Maar wie sport en comfort zoekt, kan beter een Commodore GS/E kopen.
Technische gegevens
Motor 4-cil. in lijn, 1.897 cc, 2 valstroomcarburateurs
Max. vermogen 78 kW/106 pk bij 5.600 tpm
Max. koppel 167 Nm bij 3.600 tpm
Aandrijving achterwielen via handgeschakelde 4-bak
Remmen v/a schijven/trommels
Bandenmaat testauto 175/70 R13
Verbruik gem. 11,0-12,0 l/100 km
Topsnelheid 176 km/h
0-100 km/h* 11,1 s
Leeggewicht* 860 kg
Gegevens volgens fabrieksopgave, * = eigen meting
Opel Commodore GS/E: elegante spierbundel
De Commodore GS/E heeft een 0,6 liter grotere cilinderinhoud en 40 pk meer dan de Rallye Kadett, maar bij de sprint gaat het tweetal gelijk op. Alleen op topsnelheid weet de GS/E afstand te nemen van de Sprint, die dan weer 10 meter eerder stilstaat bij de remproef. Het is meteen duidelijk welke auto hier de sporter is en welke de Gran Turismo.
De Commodore is de enige GT in deze test, ook al heet hij verwarrend genoeg GS/E in plaats van GT/E. Die E in de naam is belangrijk, want die staat voor ‘Einspritzung’. Een door de computer berekende brandstofinjectie was in 1970 nog net zoiets exotisch als de maanlanding. Tot dan toe hadden alleen de Admiral en de Diplomat die techniek. Met een vermogen van 150 pk en een topsnelheid van bijna 200 km/h liet de scherp geprijsde Commodore GS/E ook de harten van BMW- en Mercedes-rijders sneller kloppen. Daar kwam bij dat dit model sportieve extra’s had als Bilstein-dempers, stalen sportwielen, extra halogeenlampen en een heuse voorspoiler. Tal van mensen deden met hun Commodore aan autosport.
Vanuit hedendaags oogpunt valt alles op zijn plek. De matzwarte grille deed vroeger misschien wat aanstellerig aan; inmiddels is hij charmant. Het spaarzame chroom past perfect bij het donkere Tarragona-rood. En als je de zijruiten en het schuifdak van de coupé opent, krijg je door de ontbrekende B-stijlen bijna het idee in een cabrio te zitten. Het onderstel en de stoelen zijn vooral op comfort gericht, terwijl de versnellingsbak net als die van de Kadett opvalt door zijn onnauwkeurigheid. Het remsysteem reageert gevoelsmatig behoorlijk adequaat, maar als we de remweg opmeten, valt dat behoorlijk tegen. Daar staat tegenover dat de motor lekker veelzijdig is. Hij kan stilletjes zijn werk doen als je dat wenst, maar als je het gaspedaal diep intrapt, zet hij een behoorlijke keel op. Pas net onder de 6.000 tpm wordt het maximale vermogen geleverd, wat maar weer eens duidelijk maakt dat de GS/E over een sportieve inborst beschikt. Het is een echte GT: stijlvol en cool. Echt sportief kunnen we hem daarentegen niet noemen.
Technische gegevens
Motor 6-cil. in lijn, 2.490 cc, injectie
Max. vermogen 110 kW/150 pk bij 5.800 tpm
Max. koppel 200 Nm bij 4.500 tpm
Aandrijving achterwielen via handgeschakelde 4-bak
Remmen v/a schijven/trommels
Bandenmaat testauto 175/80 R14
Verbruik gem. 10,5 l/100 km
Topsnelheid 197 km/h
0-100 km/h* 11,2 s
Leeggewicht* 1.210 kg
Gegevens volgens fabrieksopgave, * = eigen meting
Opel Manta GT/E: techniek in plaats van inhoud
Wie B zegt, moet ook A zeggen. De Kadett B Sprint en de Manta A GT/E zijn op papier aardig aan elkaar gewaagd. De eerste heeft een vermogen van 106 pk, de tweede 1 pk minder. Ook de afmetingen komen nagenoeg overeen; het onderstel is voor een deel identiek. Dat komt doordat de Manta het zustermodel van de Ascona is, ooit ontwikkeld als Kadett B-opvolger. Het wordt echter al snel duidelijk dat ook met dezelfde technische componenten twee totaal verschillende auto’s kunnen ontstaan. De CIH-motor (camshaft-in-head) deelt de Manta met de Kadett: een viercilinder met in de cilinderkop geplaatste nokkenas en een inhoud van 1.897 cc. Het grootste verschil is het Bosch L-Jetronic-systeem, dat het mogelijk maakt dat de 1,9-liter viercilinder in plaats van 90 pk zoals in de S-versie in deze uitvoering een vermogen van 105 pk levert.
De Manta A had in 1975 als eerste Opel een viercilinder met injectie. Aan het einde van zijn loopbaan werd hij zodoende weer spannend en vooruitstrevend. In vergelijking met de Sprint-versie met twee carburateurs in de Kadett beschikt de versie met injectie over verfijndere loopeigenschappen. Ook klinkt de motor beter en maakt hij enthousiaster toeren. Voor je gevoel is de Manta GT/E sneller, maar als we de cijfers erbij pakken, blijkt de Kadett B bij de acceleratie van 0 naar 100 km/h en de tussensprint liefst twee seconden sneller te zijn! De Rallye verslaat de GT/E alleen qua topsnelheid: hij tikt bijna de 190 km/h aan. Wel is de Manta A een van de fraaiste Opels aller tijden en hij verrast qua ruimte. Dankzij de schuine onderzijde van het dashboard is er veel beenruimte; achterin kunnen twee passagiers comfortabel zitten. Net als bij de Commodore is het alleen de vraag of de Manta wel echt sportief is. Het antwoord is ‘jee’, want hij ziet er eigenlijk vooral sportief uit. De matzwarte strepen en de zwarte motorkap vormen een fraai contrast met de rode lak. Het verlaagde onderstel en de voorspoiler passen daar goed bij. Hij verovert je hart, al laat hij de nodige punten liggen.
Technische gegevens
Motor 4-cil. in lijn, 1.897 cc, injectie
Max. vermogen 77 kW/105 pk bij 5.400 tpm
Max. koppel 152 Nm bij 2.500 tpm
Aandrijving achterwielen via handgeschakelde 4-bak
Remmen v/a schijven/trommels
Bandenmaat testauto 185/70 R13
Verbruik gem. 8,5 l/100 km
Topsnelheid 188 km/h
0-100 km/h* 12,9 s
Leeggewicht* 980 kg
Gegevens volgens fabrieksopgave, * = eigen meting
Opel Kadett C GT/E: sportwagen en allemansvriend
Een rally-afstelling, een serieuze cilinderinhoud en moderne injectie: we hebben het in deze test allemaal al voorbij zien komen. Wat kan de Kadett C GT/E dan nog toevoegen? Nou, hij weet de sterke eigenschappen van de andere testdeelnemers te combineren. De licht getunede tweelitermotor van de Rekord E is in de Kadett goed voor 115 in plaats van 110 pk.
Hij beschikt over een vijfversnellingsbak van ZF, een sperdifferentieel, een subtiele voor- en achterspoiler, een versterkte koppeling, Bilstein-gasdrukdempers, straffer afgestelde veren en gesmede lichtmetalen wielen in de maat 6 x 13. Met de gietijzeren atmosferische motor, achterwielaandrijving en starre achteras beschikt deze Kadett niet over de beste papieren als het om rijdynamiek gaat. Toch biedt hij aanzienlijk meer dan de som der delen. Opel benadrukte destijds in advertenties dat dit een homologatiemodel voor de Groep 1 van het productietoerwagenkampioenschap was. Er zouden 1.000 exemplaren gebouwd worden van de geelwitte sportuitvoering, die geschikt was voor autosportdeelname en dat ook duidelijk liet zien.
Als je instapt, blijft dat beeld fier overeind. Een radio en een klokje schitteren door afwezigheid; wel is er de optionele rolkooi. De eerste versnelling van de vijfbak zit linksvoor, net als bij echte raceauto’s. Als je de motor start, gaat er kort een siddering door de auto. Daarna hoor je het kenmerkende nasale geluid van een Opel-viercilinder. Na een paar rondjes op het circuit besef je dat dit een briljante auto is. Alles klopt aan de GT/E, zoals het relaxte karakter en de toerenhonger van de motor, die deze lichte Kadett steeds sneller door de bocht trekt. De lekker directe besturing en het voorspelbare onderstel bewijzen goede diensten. De pedalen staan wat dicht op elkaar, maar de sportstoelen met de enorme Opel-logo’s houden je prima op je plek en zijn ook nog eens comfortabel. Verder ligt het stuur lekker in de hand. Het is kinderspel om hard te rijden, want alles wijst zich vanzelf. En toch is het een echte sportwagen. De Kadett GT/E zit al snel om je heen als je favoriete trui. Hij is simpel, sympathiek en sportief.
Technische gegevens
Motor 4-cil. in lijn, 1.979 cc, injectie
Max. vermogen 85 kW/115 pk bij 5.600 tpm
Max. koppel 162 Nm bij 3.000 tpm
Aandrijving achterwielen via handgeschakelde 5-bak
Remmen v/a schijven/trommels
Bandenmaat testauto 175/70 R13
Topsnelheid 190 km/h
0-100 km/h* 9,1 s
Verbruik gem.* 8,8 l/100 km
Leeggewicht* 920 kg
Gegevens volgens fabrieksopgave, * = eigen meting
Opel Manta B 400: op jacht naar gravel
Is dit nog een auto voor de openbare weg of eerder voor een klassementsproef? Het is in ieder geval een feit dat hij zijn bestaansrecht ontleent aan de autosport. De Manta 400 werd alleen maar gebouwd, omdat Opel met het model wilde deelnemen aan het WK rally. Het liep anders. Opel wilde de Manta 400 homologeren voor de Groep 4, waarvoor het 400 exemplaren moest bouwen, vandaar de naam. Omdat de ontwikkeling echter niet bepaald soepel verliep, besloot de fabrikant om voorlopig te blijven deelnemen met de Ascona 400, de auto waarmee Walter Röhrl en Christian Geistdörfer in 1982 wereldkampioen werden.
Daarna keerde het tij, want de Ascona werd overvleugeld door de Groep B-auto’s met turbomotor en vierwielaandrijving. Voor de Manta was slechts een troostprijs weggelegd: succesvolste achterwielaandrijver bij Parijs-Dakar in 1984. De geplande 400 exemplaren haalden beide auto’s niet. De Manta bleef steken op 245 stuks, de Ascona op 268.
Het antwoord op de vraag of de Manta 400 een auto voor de openbare weg of voor een klassementsproef is, luidt 'allebei'. Hij bewandelt de dunne scheidslijn tussen serieproductie en rallyparcours. Onder de poolwitte lak met de drie Opel Motorsport-strepen in antraciet, lichtgrijs en geel gaat een normale Manta B schuil, die Irmscher onder handen heeft genomen. De brede schouders stralen autoriteit uit, terwijl de witte oppervlakken haast om sponsorstickers schreeuwen. Binnenin wordt de aanblik bepaald door suf grijs plastic, waarbij het zomaar zou kunnen dat de pedaalrubbers en het stuur van hetzelfde materiaal zijn gemaakt. In technisch opzicht is de Manta 400 met zijn brede banden en achteras met vijf draagarmen perfect voorbereid op een paar snelle rondes op het testcircuit.
De 2,4-liter 16V-motor heeft veel vlees op de botten en zoals het een zestienklepper betaamt, doet hij er boven de 4.000 tpm nog een schepje bovenop. Dan klinkt de motor alsof hij is ontsnapt uit een raceauto. Toch moeten wij het een beetje rustig aan doen. De auto heeft lang stilgestaan en omdat originele onderdelen net zo zeldzaam zijn als beademingsapparaten tijdens de coronacrisis, behandelen we de Manta 400 met respect. We hoeven immers geen rally te winnen.
Technische gegevens
Motor 4-cil. in lijn, 2.410 cc, injectie
Max. vermogen 106 kW/144 pk bij 5.200 tpm
Max. koppel 210 Nm bij 3.800 tpm
Aandrijving achterwielen via handgeschakelde 5-bak
Remmen v/a schijven/schijven
Bandenmaat testauto 225/50 ZR15
Topsnelheid 210 km/h
0-100 km/h* 10,1 s
Verbruik gem.* 10,4 l/100 km
Leeggewicht* 1.095 kg
Gegevens volgens fabrieksopgave, * = eigen meting
De extreemste sporter wint
De strijd is gestreden, de vijf sportkanonnen hebben alles gegeven wat ze in zich hebben. De Manta 400 komt daarbij met een nipte voorsprong als eerste over de streep. Het rallyhomologatiemodel wordt op de voet gevolgd door het allroundtalent Kadett C GT/E en de grotere Commodore A GS/E. Als we alleen naar de sportieve kwaliteiten zouden kijken, is de voorsprong groter. We hebben hier alleen niet te maken met Porsches 911 RS of Ferrari’s, maar met vijf Opels die in principe heel braaf zijn, maar met krachtige motoren en aangepaste onderstellen zijn opgepept tot ware volkshelden. En omdat een model van het merk met de bliksemschicht nu eenmaal meer moet kunnen dan alleen snel zijn en er goed uitzien, wegen de praktische eigenschappen zwaar mee. Zodoende weten de eenvoudige, onderhoudsvriendelijke Kadett C en de comfortabele en ruime Commodore A terrein goed te maken. Tegelijkertijd wordt duidelijk dat er bij Opel indertijd meerdere benaderingswijzen waren wat de sportieve modellen betreft. Een Rallye Kadett Sprint is een sportauto voor echte kerels. Ruimte, comfort en uiterlijk speelden bij dit model een minder grote rol. De Manta GT/E eindigt als middenmoter, waarmee we hem overigens niet tekort willen doen. Qua vorm en karakter is het een compacte Gran Turismo. De injectie en de kleurrijke jarenzeventig-outfit maken hem interessant, waarbij hij er sneller uitziet dan hij is.
