Opel, wie is er niet groot mee geworden? We durven de stelling wel aan dat deze variatie op de beroemde slogan van Calvé Pindakaas zonder meer op het Duitse automerk van toepassing is. De lezer hoeft waarschijnlijk alleen maar in zijn of haar geheugen te graven.
De Opel Kadett E
- Topscorer in autoverkopen
- Zeer breed modelgamma
- Uitgekiende aerodynamica
- Stabiele factor op ons wegennet
- No-nonsense techniek
Opels, die zag je overal en altijd. Was het niet de Rekord van je ouders, dan wel de Ascona van de buren, de Kadett van het schoolhoofd, de Corsa van je tante, de Astra van de rijschool, de Monza voor die villa of de stokoude Manta die je met je zuurverdiende spaarcenten bij elkaar hebt gekrantenwijkt. En dan hebben we de enorme vloten Vectra’s, Omega’s, Zafira’s, Agila’s, Meriva’s en wat er verder nog op onze wegen is losgelaten nog niet eens genoemd. En evenmin de horden Combo’s, Vivaro’s en Movano’s van de loodgieters, bakkers en andere neringdoenden.
Opel Rekord, werkpaard van weleer. Of de Omega, hieronder!
Denk alleen niet dat alles een succes was, want de merknaam Opel is geen garantie voor hoge verkoopcijfers. Wie kent de Antara bijvoorbeeld nog? Of de Cascada? Zo zijn er wel meer vergeten namen, bijvoorbeeld omdat ze uit een wat verder verleden stammen. De Sintra is een hoofdstuk dat Opel zal willen vergeten, terwijl Tigra juist vrolijke gedachten oproept. Bij Commodore en Senator komt er bij menigeen een brok in de keel, omdat de tijden van dit soort grote, luxueuze Opels voorgoed voorbij zijn. Een misser was de Signum, die zelf nauwelijks wist wat hij wilde voorstellen, iets wat hem inmiddels voor een bepaalde groep autoliefhebbers juist woest aantrekkelijk maakt.
Opel Signum
In onze zelfopgelegde zoektocht naar dat ene model dat de ziel van Opel als beste vertegenwoordigt, zijn we het aan de merkstatus verplicht dat we een verkooptopper kiezen. Tegelijkertijd moeten we constateren dat Opel tegenwoordig nog maar een schim is van de oppermachtige marktleider van weleer. In 2000 ging het merk in ons land nog fier aan kop met 12,9 procent marktaandeel, maar in 2010 was het nog maar vijfde met 7,4 procent en in 2020 zesde met 5,7 procent. Vorig jaar was Opel afgedaald naar plek veertien (2,6 procent), terwijl het over de eerste vier maanden van dit jaar één positie heeft weten te klimmen, met 3,1 procent van de markt. Koning Kia zit op 9,3 procent, om het even te duiden. Dat laatste percentage geeft aan dat geen enkel merk zich nog kan beroepen op de dominantie waarop Opel ooit het patent had. Maar toch: denken we aan Opel, dan denken we aan straten vol met modellen van dit merk – misschien ook doordat het gros der redacteuren in die jaren is opgegroeid. Vervolgens rijst de lastige vraag op welk model wij ons oog dan moeten laten vallen. Er is immers een enorme keuze.
Opel Astra in zijn meest recente gedaante, niet meer de verkooptopper van weleer, laat staan van de dagen van de E Kadett!
Opel is van iedereen
Laten we onszelf eerst eens afvragen wat Opel eigenlijk voor een merk is. Waar staat het voor? Wat betekent het? Hoe zien we het? De gemene deler van de antwoorden op die vragen is wel duidelijk: het is een automerk dat een beetje van iedereen is. Een huisvriend, een vertrouweling, een vaste waarde. Doet het altijd, kost niet de wereld en loopt vooral niet naast zijn schoenen. "We willen vooral een laagdrempelig merk zijn”, vertelde de beheerder van Opels museumcollectie ons eens. En: “Opel is het benaderbare automerk.” Daarmee sluiten we exclusiviteit en gekke experimenten automatisch uit. Een Insignia met Audi-achtige ambities? Bijzonder fijne auto’s, daar niet van, die toch onvoldoende bij het cliënteel in beeld kwamen. Ze wilden dan maar liever meteen helemaal premium, en kochten of leasten dienovereenkomstig. Op de sportieve tour dan maar? De eerste GT van 1968 was een razend aantrekkelijke mini-Corvette, die vanwege zijn doordeweekse Kadett-techniek een voor velen bereikbare droom werd. De GT uit 2007 mocht als omgenummerde Pontiac nog niet de tas van het origineel dragen. Dan hebben we liever een vlotte Manta of beeldschone Calibra voor de deur, met dezelfde, vertrouwde technische ingewanden als Ascona’s en Vectra’s. Doe maar lekker normaal, dan doen we gek genoeg.
Zo redenerend arriveren we vanzelf bij de modellen die Opel écht groot hebben gemaakt en precies invulling gaven aan wat het publiek ervan verwachtte en aldus tekenden voor de immense verkoopaantallen van weleer. Indachtig het actuele gamma springen er dan slechts enkele modelseries uit. Eerst moeten we een geliefde afvaller noemen, een auto die bij de redactionele discussies opmerkelijk lang standhield: de Ascona B van 1975. Wat ons betreft honderd procent Opel, gezien zijn doorgewinterde techniek, oerdegelijke constructie, no-nonsense-uitstraling en een breed palet motoren. Als 2.0 S had hij zomaar 100 pk aan de achterwielen, genoeg om het menig BMW heel lastig te maken. Bovendien was er de razendsnelle Ascona 400, die Walter Röhrl in 1982 aan zijn rally-wereldkampioenschap hielp. En misschien herinnert de lezer zich nog de overvolle startvelden van de Ascona Cup op Zandvoort – een garantie voor spektakel. Maar dan is er het onverbiddelijke tegengeluid: de Ascona was er alleen als twee- en vierdeurs sedan én hij vertegenwoordigt via de Vectra en Insignia een segment waarin Opel helaas niet meer actief is. Waardoor we onze aandacht vanzelf verschuiven naar de modellen die al jarenlang wél van de partij zijn: de Corsa en de Kadett/Astra.
Chic te laat
De Corsa arriveerde in 1982 chic te laat op het feestje dat in het B-segment toen al geruime tijd gaande was, maar hij had geen enkele moeite om zich meteen door een horde fans te laten omringen. Hij oogde leuk, had betrouwbare techniek en kwam in veel uitvoeringen op de markt, met bij de eerste lichting zelfs de keuze uit een twee- of vierdeurs sedan en een drie- of vijfdeurs hatchback. En vooral: het was een Opel, dus vertrouwd; gewoon een handige extra keuzemogelijkheid bij de dealer waar je toch al jaren kwam. En wel voor … de Kadett en, vanaf 1991, de Astra. Wanneer we die gemakshalve als een twee-eenheid beschouwen, vallen alle andere Opels in het niet. Zeker in ons land, waar dit duo het merk van 1969 tot en met 2004 hielp om de positie van marktleider te bekleden en zelf in onvoorstelbare hoeveelheden de dealerbedrijven verlieten. Zo ging de Kadett alleen in 1986 maar liefst 57.431 keer op kenteken! De Astra piekte in 1999 op een respectabele 40.399 stuks en staat, wanneer we alle generaties meerekenen, te boek als de populairste Opel van ons land. De Kadett is derde, na de Corsa, maar dat laat onverlet dat wij hem toch aanwijzen als de Ziel van Opel.
Opel Corsa A
Opel Kadett
Die keuze is deels een gevoelskwestie, die alles te maken heeft met die iconische modelnaam en zijn onaantastbaarheid als marktleider. Soms verkocht Opel er tweemaal zoveel van als de nummer twee in de lijst, onvoorstelbaar.
Op onze finale vraag welke generatie we dan moeten kiezen, formuleerden we snel een antwoord: de vijfde, gebouwd van 1984 tot en met 1991. Deze Kadett E dankt zijn plek op de hoogste trede van het ereschavot niet zozeer aan zijn technische wel en wee, want hij nam zowel de motoren als het onderstel (op wat verfijningen na) over van zijn voorganger. Dat was goed nieuws, gezien de kwaliteiten van de Kadett D. We zoeken het hier veel meer in zaken als de toekomstgerichte stilering van de Kadett E, die in zijn klasse bakens verzette met zijn lage Cw-waarde van 0,30 tot 0,32. Het moet best een waagstuk zijn geweest om een model in de populairste prijsklasse uiterlijk niet alleen ingrijpend te wijzigen, maar ook zeer futuristisch te maken.
Aerodynamica, het toverwoord van de jaren 80
Tegelijkertijd was aerodynamica medio jaren 80 een toverwoord, niet in de laatste plaats dankzij de opzichtige gladmakerij bij met name de Audi 100 en de Ford Sierra. Opel flikte datzelfde kunstje toch maar mooi in het populairste autosegment, en werd daar ruimhartig voor beloond. Niet alleen door de kopers, maar ook door de jury van de verkiezing Auto van het Jaar 1985.
Immens gamma
Nog een belangrijk argument voor de E-Kadett is zijn immense modelgamma, met een drie- en vijfdeurs hatchback, dito stationwagon (traditiegetrouw Caravan genoemd), een daarvan afgeleide bestelwagen, een vierdeurs sedan, een door Bertone getekende én gebouwde cabriolet en ook nog een extra ruime bedrijfswagen, de Kadett Combo. Verder was er een royale keuze uit motoren en luxegradaties, waarbij de klassieke Opel-aanduidingen als Luxus, Berlina en SR plaatsmaakten voor het meer algemeen klinkende LS, GL, GLS en GT. Topmodel GSi moest de Golf GTI van repliek dienen en er verscheen een experimentele elektrische versie onder de naam Impuls.
Je kunt betogen dat er van alle carrosserievarianten nog maar drie over zijn (Astra vijfdeurs en stationwagon en de van PSA overgenomen Combo) en dat kunnen we spijtig genoeg alleen maar beamen. Tegelijkertijd constateren we dat Opel in de ‘Kadett-jaren’ weliswaar veel verschillende modellen had, maar dat het gamma nu ook cross-overs en SUV’s telt die destijds nog moesten worden uitgevonden. Zoals we eerder al hebben gemeld, is het huidige Opel allang niet meer het merk dat het vroeger was. Het zal echt niet nogmaals met een auto op de markt komen die evenveel variaties kent als destijds de Kadett. Laten we daarom afsluiten met deze conclusie: als er één Opel is geweest die model stond voor de flexibiliteit die dit merk (deels noodgedwongen) aan de dag heeft gelegd, dan is het wat ons betreft de E-Kadett.
Deze Opels maakten ook kans op de uitverkiezing voor 'De Ziel Van':
Kadett
In dit overzicht verdienen de andere Kadett-generaties alle ruimte, maar meer dan dit kleine blokje kunnen we ze niet geven. Hoe dan ook: petje af voor de Kadetten A, B, C en D vanwege hun gezamenlijke, onafgebroken zegetocht in ’s lands verkoopranglijsten.
Ascona
De Ascona wist zich altijd omringd door meer dan een vluchtige vleug sportiviteit; zie daarvoor de rally-successen van de generaties A en B. De Ascona was tegelijkertijd een door en door degelijke en bedrijfszekere gezins- en zakenauto met puike verkoopcijfers.
Manta
Geen verhaal over het palmares van Opel zonder loftuitingen aan het adres van de Manta, die vroeger nog weleens voor ‘boeren-Porsche’ werd uitgescholden. Inmiddels zijn de vossenstaarten verdwenen en is het een uiterst begeerlijke klassieker geworden.
Rekord
De Rekord tekent voor enkele cruciale wervels in de robuuste ruggengraat van Opel. Onverwoestbare techniek, volop binnenruimte, een prettige rust aan boord, een enorm gamma en de totale absentie van pretenties maakten hem geliefd in de tweeliterklasse.
Monza
Opel hees zich in een sportief-exclusief maatpak door het front van de zakelijke Senator te laten volgen door een dynamische daklijn en – bijzonder in het segment – een praktische derde deur. Met de Monza liet Opel zich van een heel nieuwe, behoorlijk uitdagende kant zien.
Corsa
De Corsa arriveerde in 1982 in een deel van de markt dat toen al zeer dichtbevolkt was. Maar ja, voor een betaalbare Opel staat hier per definitie een warm bad klaar … Het was de start van een zeer succesvolle carrière, die nog niet ten einde is.
Calibra
De Calibra deed voorganger Manta snel vergeten, wat hij volledig te danken had aan zijn haast sensuele vormgeving. Goed, de sportieve enthousiasteling moest het zonder achterwielaandrijving stellen, maar er was wél een geavanceerde 4x4 leverbaar. En een Turbo. En een V6.
Astra
De Astra ging in 1991 verder waar de Kadett ophield en dat met gelijksoortig succes. Andermaal spreidde Opel de grote deugden van haar kernmodel tentoon: een immens gamma met voor elk wat wils. Na de vroegere verkooppieken is de Astra thans slechts een speler in de schaduw.
Zafira
Met zijn combinatie van compacte buitenmaten en toch zeven zitplaatsen was de Zafira in 1999 een opvallende nieuwkomer en een uitkomst voor grote gezinnen. Ook de kleinere Meriva had een slim interieur met stoelen die alle kanten op konden. De ware familie-auto’s, deze Opels.
Ampera
De eerste plug-in hybride die de Nederlandse markt betrad. De Ampera was zijn tijd in 2011 ver vooruit, omdat de PHEV inmiddels de meest gevraagde aandrijfvorm is. Buiten dat: een fijne, vlotte en zuinige auto met een nog altijd futuristisch uiterlijk.
PASPOORT
OPEL KADETT E (1984-1991)
Carrosserie: hatchback, sedan, stationwagon, cabriolet, bestelauto
Aandrijving: voorwielen
Afmetingen (l x b x h): 4,00 (4,23*) x 1,66 x 1,40 m (*stationwagon en sedan)
Wielbasis: 2,52 m Gewicht: 838 tot 1.000 kg
Prijsniveau (1984): Van fl. 18.350/€ 8.327 (1.2 S LS) tot fl. 31.474/€ 14.282 (1.8 GSi)
Productieperiode: 1984-1991
Productieaantal: 3.779.289 stuks
Motoren: benzine: 1.196, 1.297, 1.389, 1.598, 1.796, 1.984 cc
(54, 60/75, 60, 75/90, 85/115, 130/150 pk)
Diesel: 1.488, 1.598, 1.699 cc (72, 54, 57/82 pk)
Concurrenten (1984): Ford Escort, Volkswagen Golf, Volvo 340, Toyota Corolla, Renault 11
Meest bijzonder: een van de opvallendste aspecten van de nieuwe Kadett was in 1984 het revolutionaire, digitale instrumentarium dat standaard werd geleverd op de GSi.
