De Mercedes-Benz V-klasse heeft in Europa bijna een monopoliepositie als het om luxe personenvervoer gaat. Daar maakt Mercedes handig gebruik van door van de opvolger van die V-klasse een echte personenauto te maken, maar rijdt hij ook zo?
Een monopoliepositie? Er zijn toch wel meer personenbusjes?
Of het nu gaat om hotels, vliegvelden of evenementen, de Mercedes-Benz V-klasse is de kurk waar het Europese VIP-vervoer op drijft. Kennelijk biedt hij iets wat concurrenten niet kunnen bieden, al was het maar op het gebied van uitstraling. Mercedes zet daarom een tandje bij en vervangt de V-klasse en de elektrische EQV door de geheel nieuwe VLE.
Is de Mercedes-Benz VLE altijd elektrisch?
Aanvankelijk is die VLE net als een EQV altijd elektrisch, maar er komen later ook versies met een verbrandingsmotor. De VLE deelt zijn nieuwe platform met een toekomstige Vito, maar heeft voor het eerst een compleet eigen carrosserie die nooit voor zo’n bestelwagen zal worden gebruikt.
Hoe groot is de Mercedes-Benz VLE?
Toch is de VLE qua proporties en formaat wel degelijk vergelijkbaar met de Vito of V-klasse. Introductieversie L1 zit met 5,31 meter lengte tussen de twee lengtematen van een EQV in, maar er komen ook langere versies. Het design van de VLE is opvallend en wijkt op een aantal punten af van wat gebruikelijk is bij dit soort voertuigen. Zo zijn de wielkasten opvallend groot. Dat moet, want de 19- tot 22-inch grote wielen zijn dat ook. Het dak loopt naar achteren toe iets af en dat is goed nieuws voor de stroomlijn, die met een Cw-waarde van 0,25 ook daadwerkelijk erg goed is.
Leuk, maar dat zegt niets over het frontale oppervlak
Dat klopt, maar het verbruik ziet er goed uit. Mercedes belooft in het gunstigste geval 18,4 kWh per 100 kilometer. Wie dan bedenkt dat een EQV eerder 28 kWh nodig had voor 100 kilometer, ziet dat hier serieuze stappen zijn gezet. Met de 115-kWh accu moet de VLE 300 tot 700 kilometer ver kunnen komen, terwijl 800-volt boordnet zorgt voor korte snellaadstops. De VLE 300 is de minst krachtige van de twee introductieversies en heeft één elektromotor op de vooras. Met 276 pk is hij adequaat gemotoriseerd, van overdaad is hier geen sprake.
Daarbij speelt het gewicht vast een rol...
Dat klopt als een bus(je). De VLE weegt leeg namelijk al tegen de 3.000 kg en komt afhankelijk van de uitvoering zelfs in een uitzonderingspositie die een maximaal toelaatbaar gewicht van meer dan 3.500 kg toestaat voor mensen met een B-rijbewijs, mits er geen aanhanger wordt getrokken.
Hoe rijdt de Mercedes-Benz VLE?
Dit is dus echt een zware jongen en dat is onderweg absoluut merkbaar. De voorbanden beginnen ook bij trage, krappe bochtjes al snel te kermen, het rempedaal vereist meer kracht dan we gewend zijn en het standaard luchtgeveerde onderstel laat zijn raffinement bij drempels soms toch even varen. Samen met de indirecte besturing levert het een auto op die op de bochtige weggetjes rond Bilbao - waar we met de auto kennismaken - eigenlijk niet tot zijn recht komt, maar op de snelweg des te meer. Het veercomfort is dan superieur en de auto uiteraard mooi stil, al blijft bandengeruis juist door de afwezigheid van motorgeluiden wel een dingetje. Overhellen doet de auto nauwelijks, dat is goed nieuws voor de passagiers achterin. Ondertussen geniet de chauffeur van de achterwielsturing, die de draaicirkel klein en manoeuvreren kinderspel maakt. Door al die massa gaat recupereren bovendien lekker hard. Je regelt dat af met flippers achter het stuur, waarbij de auto in de zwaarste recuperatiestand stevig afremt tot stilstand.
Is de Mercedes-Benz VLE qua interieur echt vergelijkbaar met personenauto's van Mercedes?
Het interieur van een V-klasse heeft nooit het niveau van dat van de personenauto’s van Mercedes bereikt, maar bij de VLE lukt dat wel. Net als in andere moderne Mercedessen wordt het dashboard gedomineerd door de wat smaakgevoelige combinatie van drie schermen achter één glasplaat, hoewel het rechter scherm niet standaard is en bij afwezigheid een leeg paneel vol Mercedes-sterretjes achterlaat. Mercedes’ nieuwste infotainmentomgeving is erg druk en kleurrijk, maar ook indrukwekkend en snel. Je raakt in de digitale VLE-omgeving wel zo de weg kwijt. Van het instellen van sfeerverlichting en audio tot het openen van deuren en zelfs het verstellen van de stoelen achterin, alles moet via het scherm. De algehele kwaliteitsindruk is goed en het leer van de door ons gereden topversie is prachtig, al zijn er hier en daar wat details die van dichtbij minder hoogwaardig blijken te zijn dan ze lijken. Ook in dat opzicht past de VLE helemaal bij andere nieuwe personenauto’s van Mercedes.
Hoe zit het met de ruimte en de flexibiliteit?
Mercedes biedt tal van stoel-opstellingen aan voor de VLE, variërend van vijf tot acht zitplaatsen en van eenvoudige, met stof beklede en handmatig verstelbare stoelen tot volledig elektrisch verstelbare massagefauteuils. In die vorm is deze ‘Grand Limousine’ echt een S-klasse-alternatief, maar niet meer zo praktisch. De elektrisch verstelbare opties kunnen namelijk niet worden verwijderd, de handmatige stoelen kunnen dat wel. Dan ontstaat er een laadruim van dik 4.000 liter, riant meer dan twee E-klasse Estates. Ook op rij drie is er riant plaats voor volwassenen. Desgewenst heb je zelfs hier elektrische stoelverstelling en stoelverwarming, dus ook de achterste passagiers hebben het goed aan boord van de VLE.
Deze versie is niet flexibel, maar wel luxueus.
Voor wie is deze Mercedes VLE nu precies?
Mercedes hoopt door dit uitgebreide aanbod ook wat gezinnen en andere particulieren aan te trekken, al kunnen zij wellicht beter wachten op de goedkopere versie met kleinere accu. Het gros van de VLE’s zal toch gewoon zakelijk worden ingezet. Voor die bestaande klantenkring is deze auto een enorme verbetering, met meer verfijning, eindeloos veel betere elektrische prestaties en meer comfort voor ongeveer hetzelfde geld als de ‘oude’ EQV.
- Houd me op de hoogte over de Mercedes-Benz VLE
- Lees meer over elektrische auto's en elektrisch rijden
