Wat doe je als je de eerste auto die je ooit bezat opnieuw koopt en restaureert, maar niet kunt wachten om aan evenementen deel te nemen? Dan zoek je binnen Europa naar een rijklaar exemplaar. Erik Eenkhoorn vond in Barcelona zijn Innocenti De Tomaso, een bijna vergeten Italiaanse auto die je als de betere Mini kunt beschouwen.
Het in Milaan gevestigde Innocenti produceerde vanaf 1931 onder meer bromfietsen en koelkasten, toen het zich in de jaren 50 op vierwielers richtte en verschillende modellen van British Leyland (BL) in licentie ging bouwen. Als eerste was de Austin A40 ‘Farina’ aan de beurt, die dankzij de inspanningen van designhuis Ghia tevens als sportieve roadster in de bestellijsten stond. Deze door Tom Tjaarda ontworpen 950 Spider was bedacht als alternatief voor de Austin-Healey Sprite, waarover men van mening was dat de Italianen zijn kenmerkende ‘Frogeye’-snuit niet zouden pruimen. Met meer dan 7.500 verkochte exemplaren was de 950 Spider inderdaad een aardig binnenlands succes.
Innocenti Regent
Overname
Andere modellen waren de op de Austin Glider/Morris 1100 (intern ADO16) gebaseerde IM3, I4 en I5, waarbij de IM3 Morris-genen had en de I4 Austin-roots (de I5 was het facelift-model daarvan). Ook van de Mini en de Austin Allegro rolden Italiaanse varianten van de band die respectievelijk als Innocenti Mini en Innocenti Regent door het leven gingen. Oprichter Ferdinando Innocenti maakte de Regent niet meer mee. Hij overleed in 1966, waarna het concern in zwaar weer kwam en in 1972 door British Leyland werd overgenomen. Het eerste en naar later zou blijken ook enige wapenfeit onder de nieuwe leiding was een eigen koets op het Mini-onderstel. De kleine Brit kon weliswaar nog steeds bogen op aansprekende rijeigenschappen, maar het koetswerk was inmiddels dertien jaar oud.
Begin jaren 70 was de hatchback in opkomst. Auto’s als de Renault 5 en Fiat 127 waren veel handiger in gebruik dan de Mini met zijn bescheiden, naar beneden openende kofferklepje. Weliswaar was British Leyland gestart met de ontwikkeling van een iets grotere en vooral modernere opvolger voor de Mini, maar deze intern geheten ADO74 stierf een stille dood toen het concern failliet ging en genationaliseerd werd.
Hoekige koets die op onderstel Mini paste
Daarom huurde Innocenti Bertone in om een iets grotere hatchbackkoets te ontwerpen die op het onderstel van de Mini paste, dit overigens met goedkeuring en zelfs ondersteuning van de oud-eigenaar. Wel werd afgesproken dat de nieuweling niet in Groot-Brittannië zou worden verkocht. Aan de andere kant werd met de Italiaanse BL-importeur overeengekomen dat Innocenti zijn Mini’s via dat dealerbedrijf kon blijven afzetten, hetgeen korte tijd later ook onder meer met de Spaanse, West-Duitse en Zwitserse importeurs werd afgesproken. In Nederland pakte de BL-importeur pas begin 1979 de import op toen bleek dat de Metro langer op zich liet wachten dan voorzien. Op de Autosalon van Turijn van oktober 1974 maakte de hoekige compact zijn debuut, met als aanduidingen Innocenti 90, 120 en De Tomaso.
De Tomaso had motor Mini 1275 GT
Met een lengte van 3,13 meter was de kleine Innocenti 8 centimeter langer dan het origineel, wiens wielbasis van 2,04 meter logischerwijs onveranderd bleef. De breedte nam met 13 centimeter toe en de hoogte met 4 centimeter. Dat en de hoekige koets resulteerde in veel meer auto dan de Britse Mini was. Voorin was met name in de breedte meer bewegingsvrijheid, achterin kon je nu ook redelijk fatsoenlijk zitten, terwijl de bagageruimte niet alleen ruimer was (mede vanwege een liggend in plaats van staand reservewiel en de in het motorcompartiment geplaatste accu) en vanwege de neerklapbare achterbank verder te vergroten was, maar ook beter toegankelijk vanwege de derde deur.
Onderhuids was bijna alles een-op-een overgenomen, met uitzondering van het achterste subframe in verband met de toegenomen breedte. Dat betekende ook dezelfde rubberen veerelementen, waardoor het lichte autootje op pokdalig wegdek nogal stuiterde, het plat liggende stuurwiel en dezelfde krachtbronnen. De ‘90’ had de 998 cc-motor uit de Mini 1000, onder de kap van de ‘120’ bevond zich de 1.275 cc metende krachtbron uit onder andere de Mini 1275 GT.
Britse techniek onder Italiaans plaatwerk
Diezelfde motor zat tevens in de sportief uitgedoste De Tomaso, vernoemd naar de nieuwe Innocenti-eigenaar Alejandro De Tomaso, als Italiaanse tegenhanger voor de Britse Mini Cooper. Exact zo’n De Tomaso-uitvoering schafte de toentertijd 20-jarige Erik Eenkhoorn in 1985 als eerste auto aan. “Bij aankoop was de rode DX-37-LD zes jaar oud. Ik heb er nog drie jaar veel plezier van gehad. Ik ben er met een kameraad mee naar de Beierse Alpen gereden, maar na die periode was hij rijp voor de sloop. Wat wil je ook: Britse techniek onder Italiaans plaatwerk. Berg je dan maar.”
Toch liet zijn eerste auto Erik nooit los. In zijn leven passeerde veel leuks, naast dagelijks vervoer ook klassiekers als Austin Mini, Fiat 500, MG F, Volkswagen Kever en Volvo Amazon, maar de kleine exoot had zich in Eriks hoofd en hart verankerd. Er moest wat gebeuren en daarom ging de Hellendoornse projectleider in delfstofwinning en wegenbouw op zoek naar een geschikte opvolger, om alle mooie belevenissen uit die zorgeloze tijd nog eens dunnetjes over te doen.
Totaalrestauratie
“Het viel niet mee om een overlever te vinden”, vertelt Erik. “Maar het is me gelukt: een grijs exemplaar uit 1980. Kenteken FN-24-RR, dus origineel Nederlands. Samen met mijn zoon, die op 16-jarige leeftijd ook al aan zijn eigen Mini werkte, begon ik vol goede moed aan een totaalrestauratie. Maar eigenlijk kon ik niet wachten tot hij gereed was. Ik wilde zo graag aan evenementen meedoen, dus wat doe je dan op een avond? Je gaat autoverkoopwebsites af. En de zoektocht ging door heel Europa.”
Dit exemplaar blind gekocht
Op een gegeven moment was het raak: er stond er een in Barcelona, bouwjaar 1982. “Blind heb ik hem gekocht, maar wederom kon ik niet wachten tot de auto-ambulance terug was, dus boekte ik een vliegticket naar Barcelona. ’s Ochtends om zeven uur vertrek vanaf Eindhoven, ’s avonds laat weer thuis. Maar het was het waard! Bij aankomst in Spanje stond verkoper Bruno me al op te wachten. De auto was van een dame uit Madrid geweest die er zuinig op was en er niet veel mee had gereden, totdat ze hem aan Bruno verkocht. Hij wilde de auto gaan opknappen, maar vanwege gezinsuitbreiding kwam het er niet van en zette hij de Innocenti te koop, waarna ik direct toesloeg.”
De auto stond achterin de werkplaats van een garagebedrijf, dik onder het stof en niet in rijdbare staat. Maar dat vond Erik naar eigen zeggen niet erg. “De techniek is van de Mini, dus alle onderdelen waren en zijn ruim voorradig. Bovendien was dit een bijzondere uitvoering: de Speciale. Die is in een oplage van 300 stuks in amarant (roodpaars) en 300 stuks in zwart/antraciet in Frankrijk, Griekenland, Italië, Portugal en Spanje geleverd met als bijzonderheden leren bekleding, speciale wielen, elektrische portierramen en een van binnenuit verstelbare buitenspiegel.” Nog blijer was Erik toen de auto werd bezorgd. “De verkoper had een karrenvracht aan losse onderdelen meegeleverd: tien velgen, een niet meer te vinden rechter buitenspiegel, sturen, uitlaten, emblemen …”
Er bleek een 998 cc-motor in te zitten!
Erik ging aan de slag. Als eerste was het motorische gedeelte aan de beurt. “Zoals gezegd was hij niet rijdend, maar dat gaf niet. Er bleek een 998-cc motor in te huizen die ik door de correcte 1.275-cc machine verving. Ook zat de motorruimte vol dennennaalden. Hoe die daar kwamen?” Daarna was de remmerij aan de beurt, plus nog wat kleinere zaken, zoals het spuiten van de velgen. Het lakwerk was nog origineel, met dank aan het Spaanse klimaat en de goede zorgen van de eerste eigenares. Na een jaar was de auto klaar. De RDW-keuring ging soepel en met een vers kenteken rijdt Erik alweer een aantal jaren rond in zijn zeldzame en bijna vergeten Italiaantje.
Exit BL, welkom Daihatsu
Dat ‘bijna vergeten’ zijn niet onze woorden, maar is het gevolg van aanspraak onderweg. “Als ik ga tanken, raden mensen wat voor auto het is. Fiat Panda? Autobianchi A112? Ze weten het niet”, aldus de eigenaar. Niet verwonderlijk: met de Austin Metro kreeg British Leyland begin jaren 80 zijn eigen compacte hatchback, dus de Innocenti’s 90, 120 en De Tomaso waren overbodig geworden. In 1982 werd het ‘huwelijk’ tussen British Leyland en Innocenti ontbonden, waarna Daihatsu toesloeg. De Japanners wilden in Europa graag uitbreiden en kregen door de samenwerking toegang tot de Italiaanse markt, terwijl Innocenti dat met de scheiding zijn verkoopkanaal zag verdwijnen, nu via de Daihatsu-dealers zijn auto aan de man/vrouw kon brengen.
Uiteraard was het ook meteen gedaan met de inmiddels antieke Mini-techniek. Vanaf nu huisden 1.0-driecilinders van de Charade in het kekke wagentje. De Tomaso ontwikkelde daarvan zelf een turboversie die de 1.275 cc-variant moest doen vergeten. Daarnaast kreeg de auto onder meer andere veren en nam de betrouwbaarheid toe. Op die manier werd de Innocenti met name in Italië aardig succesvol.
Samenwerking De Tomaso en Daihatsu
De samenwerking tussen De Tomaso en Daihatsu eindigde in 1993, toen eerstgenoemde Innocenti aan Fiat verkocht. Dat stopte met het model, waarna tot Innocenti Koral omgebouwde Zastava’s Yugo in Italië werden verkocht, overigens met gering succes. Datzelfde lot onderging de Innocenti Elba; de van andere merk- en typeplaatjes voorziene, in Brazilië gebouwde Fiat Duna. Sinds 1997 is de merknaam Innocenti in onbruik geraakt.
In Nederland is Innocenti al veel langer uit beeld. In ons land was het sinds de overgang van BL naar Daihatsu meteen gedaan met de 90/120/De Tomaso, zodat deze auto maar enkele jaren in onze prijslijsten heeft gestaan. In totaal bedroeg de productie (1974-1993, dus BL plus Daihatsu) ruim 232.000 stuks, maar kwaliteitsproblemen deden het merendeel na nog geen tien jaar op de sloop belanden, net als het eerste exemplaar van Erik.
Sportieve luxe
Ach, de kleine Innocenti. Ondergetekende (bouwjaar 1970) kan zich het wagentje uit de jaren 80 nog wel herinneren, maar ook dat het vanaf pakweg 1990 volledig uit het straatbeeld was verdwenen. Weer oog-in-oog valt enerzijds het stoere karakter op (mistlampen vóór, dakspoiler, dubbele uitlaat, luchthapper - die de accu moet koelen), maar hij heeft tegelijkertijd iets koddigs. In het interieur trekt de lederen bekleding meteen de aandacht. Hiermee liep Innocenti ver voor op luxe compacts als Peugeot 205 Gentry en Renault 5 Baccara. Het was zelfs de eerste kleine auto met elektrisch bedienbare zijruiten, nog voor de Talbot Samba! Het leer kon Erik aanvankelijk niet echt bekoren: “Ik was de spijkerbroekblauwe stof van mijn eerste Innocenti gewend.”
Maar toch: het beige leer vormt een mooi contrast met de antracietgrijze koets. En wat te denken van het uiterst complete instrumentarium: maar liefst zes meters! De blauwe achtergrond maakt het af: sportieve luxe op de vierkante meter. Dankzij een gewijzigd inlaatspruitstuk en de dubbele sportuitlaat gaan er 75 paarden naar de voorwielen. Erik: “Hij trekt in zo’n 12 seconden naar de 100 km/h, maar die snelheid vind ik eigenlijk al te veel. Uit oogpunt van veiligheid en comfort vind ik 90 voldoende. Daarom mijd ik de snelweg zoveel mogelijk, maar ben er al wel mee naar Zandvoort geweest voor een zogeheten Italian Day.”
Erik heeft zijn Innocenti De Tomaso terug, de auto van zijn jeugd. Dus kan hij alle leuke evenementen afgaan die op zijn pad komen. Maar wat gebeurt er dan met het grijze exemplaar dat tijdens ons bezoek in de primer staat en waarvan de motor ontbreekt? “Die gaan we toch nog helemaal opbouwen. Weet je wat zo leuk is? Zoals ik aangaf, is het kenteken daarvan FN-24-RR. Ik heb ontdekt dat de FN-25-RR ook nog bestaat. Hoe vind je dat? Het zou geweldig zijn als we die twee naast elkaar zouden kunnen zetten.”
Innocenti De Tomaso
Merk Innocenti
Model De Tomaso
Bouwjaar maart 1982
Motor 4-cil. in lijn, 1.275 cc
Max. vermogen 52 kW/71 pk bij 6.100 tpm
Max. koppel 96 Nm bij 3.200 tpm
Afmetingen (l x b x h) 3,12 x 1,52 x 1,36 m
Wielbasis 2,04 m
Leeggewicht 725 kilo
Max. aanhanger geremd 550 kilo
Bandenmaat 155/70 SR12
Gem. verbruik 1:11,0
0-100 km/h 11,9 s
Topsnelheid 160 km/h
Nieuwprijs 1982: fl. 16.290 (€ 7.392)
Alle gegevens volgens fabrieksopgave
Foto's Arno Lingerak

