Tschüss!

Ferrari F1-team
Zondag nam de Formule 1-wereld in Sao Paulo, Brazilië, afscheid van een legende. Michael Schumacher heeft in z'n eentje meer bereikt dan alle overige huidige F1-piloten bij elkaar. Zo ongeveer elk record is in handen van de 37-jarige Duitser; van de meeste wereldtitels en overwinningen tot de meeste pole positions en WK-punten en alles wat daar tussenin zit. Je kunt niets anders dan respect hebben voor Der Michael. Het moet enorm frustrerend zijn voor broer Ralf – toch alles behalve een beroerd coureur - die nooit in de schaduw heeft kunnen staan van z'n grote broer. Duitsland moet na het vertrek van Schumi een nieuwe held omarmen en dat zal niet meevallen. Ralf is een nors stuk chagrijn en Nick Heidfeld een kleurloze middenmotor. Nico Rosberg heeft stukken meer charisma en is nog eens op een gedurfde uitspraak te betrappen maar wordt – hoewel 'ie een Duits paspoort heeft – door het publiek gezien als een Fin omdat z'n beroemde vader nu eenmaal een bekende Fin is.
Ik was benieuwd hoe ik zou reageren op het afscheid van Schumacher. Of er iets van emotie zou loskomen. Ik heb 'm immers nog zien debuteren bij Jordan in 1991 en sindsdien alle hoogte- en dieptepunten meegemaakt: van z'n discutabele eerste wereldtitel bij Benneton in 1994 tot z'n laatste spectaculaire inhaalactie op Kimi Raikkonen afgelopen zondag. Schumacher was een sportman die tot het uiterste ging om z'n doel te bereiken. Dat valt te prijzen. Maar meerdere malen ging hij op cruciale momenten over de sportieve grens waardoor hij nooit de status van een echte held heeft gekregen, hoe indrukwekkend z'n staat van dienst en erelijst ook moge zijn. Coureurs met een kleiner palmares zijn de geschiedenis ingegaan als grotere helden. Schumacher heeft namelijk weinig tot geen geen charisma en er hangt een arrogant, koel sfeertje om hem heen. Soms twijfelde je wel eens of hij niet in een laboratorium in elkaar was gezet; een soort bionic man. Heel soms vertoonde hij sporen van emotie, zoals het moment dat hij het pole position-record van Ayrton Senna had verbroken. Maar dan nóg vroeg ik me af of de tranen niet geënsceneerd waren.
Het deed me dus zondag niet zoveel, dat afscheid. Ik had gehoopt dat Schumacher nog een ultieme truc uit de hoge hoed zou toveren waardoor hij op miraculeuze wijze tóch z'n achtste wereldtitel zou behalen. Een vroege lekke band gooide roet in het eten waardoor Fernando Alonso op z'n gemakje z'n tweede kampioenschapsbeker kon gaan ophalen. Tekenend voor Schumacher was de wijze waarop hij zich na deze tegenslag toch nog van de laatste naar de vierde plaats terugknokte in de wedstrijd. Opgeven is nooit een optie voor hem geweest. Maar sympathie kweken, nee, dat was niet z'n sterkste kant. Wellicht dat geraniums kweken hem beter afgaat. Benieuwd waar we 'm gaan terugzien, Der Michael.
correctie: Schumacher barstte in 2000 tijdens de persconferentie na de GP van Monza in snikken uit toen hij het aantal (41) overwinningen (en dus niet het aantal pole positions (65), dat gebeurde pas dit jaar) van Senna evenaarde. (MW)

Lezersreacties (13)

Reageren

Maak melding van misbruik

Let op! Deze functie is niet bedoeld om zelf een commentaar toe te voegen. Optioneel kun je er een opmerking bij plaatsen.

Er is iets mis gegaan. Probeer het later nog eens of e-mail ons.