Maserati Quattroporte

Coupe d'élégance

Maserati Quattroporte
AutoWeek 31
AutoWeek 31

Je leest het in AutoWeek 31

Voor het eerst in vijf jaar veranderde Maserati de Quattroporte. Subtiel, want het Pininfarina-design is een regelrechte bestseller en mocht niet al te drastisch worden aangepakt. De belangrijkste veranderingen zitten dan ook onder het elegante plaatwerk.

Hoe verbeter je iets wat door velen als het beste wordt beschouwd? Er is maar één manier: door dat uiterst voorzichtig te doen. De Maserati Quattroporte is er een mooi voorbeeld van, want om nu te zeggen dat de facelift die het model na vijf jaar krijgt schokkend is: nee. Maar dat was ook precies de bedoeling. Na de onthulling in 2003 sleepte het model liefst 46 internationale prijzen in de wacht en de meeste daarvan had de vierdeurs Maserati te danken aan zijn elegante vormen. Productmanager Roberta Rizza: "De klanten die de afgelopen vijf jaar een Quattroporte hebben gekocht, zijn trots op hun auto en we willen niet het risico lopen om ze op de kast te jagen met een radicale facelift. De dealers waren in eerst instantie zelfs angstig toen ze van ons hoorden dat er een opvolger van de huidige, succesvolle Quattroporte kwam. Het is hun bestseller."

Subtiliteit was dus geboden. In vijf jaar tijd verkocht Maserati er ruim 15.000 en daarmee is de Quattroporte het bestverkochte model van het merk ooit. Maserati ging opnieuw met ontwerper Pininfarina rond de tafel en het resultaat zie je op deze pagina's. De nieuwe grille met verticale in plaats van horizontale spijlen springt nog het meest in het oog, maar er zijn nog andere subtiele wijzigingen. De voorbumper werd wat hoger opgetrokken om de net wat grotere grille te kunnen huisvesten; achter werd de bumper juist een tikkie lager. De dorpels zijn nu meer geaccentueerd en de buitenspiegels juist meer in de deur geïntegreerd. De verlichting rondom werd ook aangepakt; zowel voor als achter vind je nu leds. Aan de voorzijde voor de knipperlichten, achteraan voor knippers, rem- en mistverlichting.

Sneller en dorstiger

Tot zover het cosmetische nieuws. Technisch gebeurde er meer. En dat was natuurlijk niet voor niets, want als er iets viel te verbeteren aan Maserati's vlaggenschip, dan was dat toch vooral op technisch vlak. In het begin van de carrière van de auto kreeg vooral de cambiocorsa-versnellingsbak veel kritiek. En niet onterecht, want die wat harkerige semi-automaat met flippers achter het stuur sloot niet lekker aan op het karakter van de grote limousine. Vorig jaar kwam Maserati al met een automaat in de Quattroporte, nu is een automatische zesbak van ZF standaard geworden. Het is een grote verbetering – daarover later meer.

De bekende 400 pk sterke 4,2-liter V8 werd eveneens onder handen genomen. Het resultaat ligt in lijn met de nieuwe Gran Turismo S en wordt geleverd in de Quattroporte S. De van Ferrari afkomstige V8 daarin is opgeboord van 4,2 naar 4,7 liter en daarmee weet de limousine een top van 280 km/h te klokken (+ 10 km/h) en de acceleratie van 0 naar 100 km/h in 5,4 seconden (- 0,2 seconden). Nadeel is weer dat het verbruik eenzelfde soort stapje maakt. Tel bij het oude gemiddelde gerust een liter op, waarmee het totaal op 15,7 liter per 100 kilometer komt. En dat is wel een beetje jammer; de trend is immers zuiniger in plaats van dorstiger. Ook de prijs maakt vanzelfsprekend een soortgelijke move. De Quattroporte S is te koop vanaf € 181.982. Ook de gewone nieuwe Quattroporte 4.2 werd een beetje duurder, met een nieuwe vanafprijs van € 166.992 namelijk zo'n 2%.

Hardcore

Inmiddels ben ik achter het stuur gekropen van de Quattroporte in S-uitmonstering. De stoelen zijn voorzichtig aangepast, waardoor ze net even wat meer zijdelingse steun bieden, en in samenwerking met het Amerikaanse Bose is er een nieuw audio- en navigatiesysteem gekomen, dat al zijn functies in slechts een paar knoppen heeft weten te verbergen. Ik zoem de stad kalmpjes uit, met de soepel schakelende automaat geruisloos op- en neerschakelend. Eenmaal de drukte van het woon-werkverkeer achter mij gelaten, wordt het tijd om de sportieve capaciteiten uit te proberen. En verdraaid: met een druk op de sportknop verandert de grote Quattroporte daadwerkelijk. De versnellingsbak doet onmiddellijk een stapje terug en de besturing wordt directer en een beetje zwaarder. Vering en demping passen zich aan, waardoor iedere bult en kuil in het asfalt te voelen is. Voor een sportwagen blijft hij natuurlijk te zwaar en te groot, maar de 'S' is snel genoeg om je al accelererend het gevoel van een hardcore sportbolide te geven. Schakelen kun je te allen tijde met de – eveneens vernieuwde – flippers achter het stuur, maar voor iemand die het heft echt zelf in handen wil houden en liefst hoog in de toeren klimt – in het rode toerengebied is het alsof Pavarotti de hoogste noten van Miserere hoogstpersoonlijk onder de motorkap heeft ingezet – moet de pook naar links worden gedrukt. Pas wanneer de toerengrens wordt bereikt (bij 7.000 toeren), vindt de bak het nodig om op te schakelen. Rijd je in de automatische stand, dan past de bak zich elektronisch aan het rijgedrag van de bestuurder aan. Relaxed en soepel als er geen haast is; kort en supersnel zodra de rijstijl daarom vraagt.

Volgende generatie

Was dit niet de versnellingsbak die de Quattroporte vanaf het prille begin al had moeten hebben? Ja, zullen de meeste klanten zeggen. Maar niet iedereen is het daarmee klakkeloos eens. Andrea Piccini, voormalig Minardi F1-coureur en testrijder voor onder meer Maserati, is bij de introductie aanwezig en wil mij er best iets over vertellen: "De oude cambiocorsa-bak was niet zo slecht als veel mensen hebben geschreven. Hij was misschien te extreem voor een auto als de Quattroporte. Als je hem agressief bereed, schakelde hij heel goed. Juist bij cruisen reageerde hij wat minder goed. Maar je kunt je natuurlijk afvragen welk karakter bij een auto als de Quattroporte hoort."

Tja. Het lijkt een feit dat de meeste klanten meer gebruik zullen maken van het comfortabele karakter van de Quattroporte. Het blijft tenslotte een grote en zware (1.990 kilo) limousine die beter op de snelweg past dan op de Col du Turini. Misschien dat de Quattroporte van de volgende (zesde) generatie lichter wordt en ook zuiniger met brandstof om zal gaan? Piccini en ook Rizza kunnen – of mógen – er nog niets over zeggen, behalve dat die opvolger nog drie tot vier jaar op zich zal laten wachten. Reken dus op 2012. Tot die tijd is de Quattroporte – en vooral de sportieve Quattroporte S – weer bij de tijd.

Gerelateerde forumtopics