Van Zündapp naar Fiat 500 was een logische stap en het Fiatje bracht Paul naar Paul Ricard
Voor 375 gulden
Als klein jochie vergaapt Paul Evers zich aan de Grand Prix in Zandvoort en later geniet hij van het meeslepende V10- en V12-orkest van de Formule 1-auto’s op het circuit van Paul Ricard in Zuid-Frankrijk. Een petrolhead kunnen we Paul gerust noemen. En liefhebber van het Italiaanse spul. Zijn eerste liefde op wielen? Een Fiat 500!
Je had al een brommer, maar een droog dak boven je hoofd ontbrak. Ging je zodoende op zoek naar een Fiat 500?
“In 1975 ging ik stage lopen, onder meer in IJmuiden en Amsterdam. Die afstanden waren vanuit Haarlem voor mijn (veel te) snelle Zündapp geen probleem, maar om het maandenlang in weer en wind af te leggen leek me niks. Omdat ik voor de stages een bescheiden vergoeding zou krijgen, vond ik het tijd voor een vierwieler. Van de toen beschikbare minimalistische auto’s was eigenlijk alleen de Fiat 500 een optie. Voor mij geen rijdende schommelstoel als de Citroën 2CV of Renault 4. In Bloemendaal stond een Fiat 500 te koop. De eigenaresse was pas getrouwd en aan de Bloemendaalseweg komen wonen. De 500 was haar boodschappenwagentje geweest, maar omdat alle winkels nu vanaf loopafstand te bereiken waren, stond de auto al maandenlang stil. De bomen aan de Bloemendaalseweg hadden hem van een dikke laag hars voorzien, waardoor hij er absoluut niet uitzag, maar voor een Fiat uit 1968 opmerkelijk roestvrij was. Ik nam de auto mee voor 375 gulden. Toen ik de Fiat thuis voor de deur parkeerde, kon mijn vader het niet laten om de buren te melden: 'Kom even kijken, mijn zoon heeft een hobby gekocht'.”
Aan de woorden van jouw vader was niets gelogen, want het onderhoud deed jij zelf?
“Elke vrijdagmiddag waren de werkplaatsen van de HTS waar ik studeerde open om aan eigen projecten te werken. Je kon dan naar hartenlust sleutelen aan de eigen bromfietsen en auto’s. Er zijn heel wat staalplaatjes in gaten van uitlaten en doorgeroeste carrosseriedelen gelast. Het was opmerkelijk dat, naast het nodige aantal bromfietsen, Fiat 500’s de boventoon voerden. Het andere low-cost geval, de 2CV van Citroën, werd duidelijk niet gewaardeerd. Bijkomend voordeel van de vloot Fiatjes: als we aan het eind van de vrijdagmiddag in de stad een biertje gingen drinken, konden er vijf 500’s bij drie parkeermeters staan. Een extra biertje gratis. De parkeerwachters zagen er kennelijk ook de lol wel van in, want we hebben nooit een bon gehad.”
Als we op de foto’s afgaan, kon je het niet laten om de auto naar eigen smaak aan te passen?
“Van jongs af aan was ik al gek op de Grand Prix. Geld voor een kaartje had ik niet dus ik stond vanachter de hekken van het circuit van Zandvoort mee te genieten. Mijn eigen auto werd dus ook wat sportiever aangekleed. De bestuurdersstoel maakte plaats voor een uit de kluiten gewassen Corbeau racekuip, het stuurrad voor een lederen Momo Stuurtje en de passagiersstoel voor een kuipje uit een Fiat 850 Bertone Spider.”
Ondanks het compacte formaat durfde je het toch aan langere afstanden te rijden?
“We zijn ermee naar het circuit van Paul Ricard in Zuid-Frankrijk geweest voor de Grand Prix. De auto kon je maar op één manier inpakken. Op de plek van de gedemonteerde achterbank stonden de twee tentzakken van de bungalowtent. Koffer met kleren er tussenin en slaapzakken, gasstel en gastank er bovenop. Het tafeltje en klapstoeltjes pasten precies achter het Bertone stoeltje. De pannenset en luchtbed vulden het kofferbakje in het vooronder. Voor de terugreis moesten we dezelfde kritische manier van beladen hanteren. Op de plaats naast ons stond een Duitser met een grote Mercedes en enorme tandemasser caravan. Vanachter het raam van zijn caravan kon hij zijn ogen niet geloven dat al die zooi in de 500 paste.”
De Fiat werd verkocht, maar jij bent altijd Italiaans blijven rijden?
“Na een jaar plezier verkocht ik de auto aan een student. Die belde mij niet veel later op dat de Fiat slecht startte. Toen heb ik de bougies nog vervangen en de contactpunten afgesteld. Niet veel later blies hij de motor op omdat het autootje ineens 110 km/h haalde en daarvoor was hij niet gemaakt. Toen is er een motor van een Fiat 126 ingelepeld. Daarvan heeft die jongen nog een paar jaar plezier gehad. Zelf ben ik altijd trouw gebleven aan Fiat en Alfa Romeo. Ik heb twee Abarths gehad, en momenteel rijd ik in een Alfa Romeo Giulia, als opvolger van een Giulietta. Een heel fijne en miskende auto.”
Paul Evers Bouwjaar: 1954 Woonplaats: Houten Beroep: Gepensioneerd automotive ingenieur bij Shell Eerste auto: Fiat 500 uit 1968 Gekocht voor: 375 gulden in 1975 Droomauto: “Lotus Esprit.” |
Omdat het zulke heerlijke tijdsbeelden zijn hieronder nog wat foto's van Paul, die riant veel en goed beeld aanleverde. Heerlijk ook die andere auto's op straat:
| Enthousiast over deze aflevering van Mijn Eerste Auto? Meld je dan hier aan. Let op, je beelden verschijnen dus in ons magazine en op de site. Overigens willen we de rubriek uitbreiden, het mag ook over je leukste auto ooit gaan. De beste, of de slechtste. |
Overigens is de klassieke Fiat 500 een auto die je nog steeds tegenkomt bij aanbieders van klassiekers.
PRIVATE LEASE Fiat 500
Ontdek deze occasions: had je ze al gezien?
Lees ook

Met retrodetails willen traditionele automerken zich op erfgoed onderscheiden van de nieuwkomers

Voor de elektrische Fiat 500e betaal je opeens duizenden euro's minder

De Fiat 500 Hybrid is zelfs in Nederland goedkoper dan de EV – Back to basics

Test Fiat 500 Hybrid - De stap terug is in nostalgische zin leuk maar wat moet je hard werken





