De swinging sixties naderden hun einde, maar in autoland vormde het jaar 1968 in tal van opzichten het begin van een nieuw tijdperk. We maken opnieuw kennis met de belangrijkste nieuwkomers van toen. Vorige week kwamen de Mercedes 300 SEL 6.3, Porsche 911 E, Audi 100 en Saab 99 aan bod. Deze keer nemen we de Volkswagen 411, BMW 2800 CS en Peugeot 504 onder de loep.
Volkswagen 411
Voor de mensen die de Kever zijn ontgroeid, bouwt Volkswagen de 411. Die voelt aan als een Kever en rijdt ook zo, hoewel het geen Kever meer is. Als eerste Volkswagen is de wat onbeholpen ogende 411 voorzien van een zelfdragende carrosserie, een moderne vooras met veerpoten, een enorme kofferbak en een hightech verwarming, waardoor de luchtgekoelde auto in de wintermaanden niet meer zo ijzig aanvoelt. De schuin aflopende achterzijde is door niemand minder dan Pininfarina ontworpen, de voorzijde met de sullige grote koplampen opvallend genoeg niet.
De 411 is maar 870 mark duurder dan de AMG-tuning voor de 6.3. De geraffineerde techniek en de perfecte afwerking van de carrosserie spreken in het voordeel van de Volkswagen, maar het design met de lange neus zorgt zelfs bij de meest brave borsten voor hoongelach. De reclameafdeling van het merk probeert de 411 nog als ‘Porsche onder de middenklassers’ aan de man te brengen, maar het mag niet baten. De ingenieurs hebben ook weinig keus, want Volkswagen-baas Heinrich Nordhoff houdt tot zijn dood in april 1968 vast aan de achterin geplaatste motor. Daar valt in Wolfsburg niet aan te tornen.
Technische gegevens
411 L
Motor viercilinder boxermotor (achterin geplaatst), centrale nokkenas met tandwielaandrijving, twee Solex-valstroomcarburateurs
Max. vermogen 50 kW/68 pk bij 4.500 tpm
Max. koppel 125 Nm bij 2.800 tpm
Transmissie handgeschakelde vierversnellingsbak
Aandrijving achterwielen
Wielophanging voor onafhankelijke wielophanging met McPherson-veerpoten
Wielophanging achter achteras met schuin geplaatste wieldraagarmen, schroefveren, stabilisator
Afmetingen (l x b x h) 4,53 x 1,64 x 1,49 m
Leeggewicht 1.040 kg
Acceleratie 0-100 km/h 18 s
Topsnelheid 145 km/h
Verbruik 12,0 l/100 km (1:8,3)
Alle gegevens volgens fabrieksopgave
BMW 2800 CS
Er was in 1968 maar één sportcoupé met zescilinder die de 911 van repliek kon dienen: de BMW 2800 CS. Het compleet nieuw ontwikkelde model debuteert in de herfst van 1968 en lijkt qua design als twee druppels water op zijn voorganger. Dat is in elk geval de mening van BMW’s hoofdontwerper Wilhelm Hofmeister, die de nieuwe 2800 CS graag had voorzien van een fastback en klapkoplampen aan de voorzijde.
Hoe het ook zij, de elegante coupé is nog altijd een lust voor het oog. In die jaren moet het merk echter nog altijd improviseren. Wie een vroege 2800 koopt, moet dealen met gekraak uit de carrosserie en een flinke hoeveelheid windgeruis rond de frameloze ramen. Dat wordt echter geaccepteerd, omdat het Beierse merk net een fantastische zescilindermotor heeft ontwikkeld, de beroemde M30. Die maakt met een ongekende gretigheid toeren en zelfs bij 180 km/h hoor je hem bijna niet. “Een afrodisiacum, een ronduit fraaie en ongekend potente auto”, jubelt uitgerekend het financiële tijdschrift ‘Capital’. Niet alleen in de commune lieten ze hun hormonen indertijd de vrije loop, zo blijkt.
Technische gegevens
BMW 2800 CS Automatic
Motor zescilinder in lijn in lengterichting, bovenliggende nokkenas met kettingaandrijving, twee valstroom-registercarburateurs
Cilinderinhoud 2.769 cc
Max. vermogen 125 kW/170 pk bij 6.000 tpm
Max. koppel 234 Nm bij 3.700 tpm
Topsnelheid 205 km/h
Transmissie vierversnellingsbak (drietrapsautomaat tegen meerprijs)
Aandrijving achterwielen
Wielophanging voor onafhankelijk aan McPherson-veerpoten
Wielophanging achter as met schuin geplaatste draagarmen en schroefveren, torsiestaaf-stabilisator
Afmetingen (l x b x h) 4,57 x 1,64 x 1,37 m
Leeggewicht 1.375 kg
Acceleratie 0-100 km/h 10,0 s
Topsnelheid 205 km/h
Verbruik 15,0 l/100 km (1:6,7)
Alle gegevens volgens fabrieksopgave
Peugeot 504
Eén ding hebben de nieuwe automodellen uit 1968 gemeen: ze blijven – met uitzondering van de geflopte 411 – tot ver in de jaren 80 een plek innemen in het straatbeeld. Dat geldt beslist ook voor de Peugeot 504. Er worden wereldwijd meer dan 3,7 miljoen exemplaren verkocht, hoewel je het model in geen enkel opzicht revolutionair kunt noemen. Maar het is wel een uitermate solide in elkaar stekende en comfortabele auto, die de inzittenden een gevoel van geborgenheid geeft. Bovendien oogt het model ook nog eens ronduit elegant.
Zelfs de spaarversie L, die Peugeot in 1973 op de markt brengt om in te spelen op de oliecrisis, geeft een gevoel van luxe. Vooruitstrevende details zoals de Kugelfischer-inspuiting van het topmodel 504 TI en de achteras met schuin geplaatste wieldraagarmen zijn achterwege gelaten: voorin ligt de 1,8-litermotor met lage compressieverhouding van de 404 te pruttelen, terwijl deze uitvoering aan de achterzijde is voorzien van een starre as, net als de 404.
Wie zich eenmaal heeft laten wegzakken in de stoelen met hun zachte kussens, met de eenvoudig bedienbare stuurwielschakeling van verzet wisselt en een blik werpt op de dunne naald van de bandsnelheidsmeter, stelt al snel vast dat je in de basis-504 eigenlijk niets tekortkomt. Neem bijvoorbeeld de geweldige vering, die oneffenheden bijzonder goed weet te verwerken. Voor de rit naar het heden leent de Peugeot zich dan ook het best, al was het alleen maar omdat hij langer leeft dan zijn collega’s uit hetzelfde jaar. Ook ziet hij meer van de wereld dan de meeste modellen uit 1968: pas in 2005 komt zijn levensverhaal ten einde als in Namibië de laatste 504 in elkaar wordt geschroefd.
Technische gegevens
Peugeot 504 L
Motor viercilinder in lijn in lengterichting, zijwaartse nokkenas met kettingaandrijving, Solex-valstroomcarburateur
Cilinderinhoud 1.796 cc
Max. vermogen 58 kW/79 pk bij 5.100 tpm
Max. koppel 142 Nm bij 2.500 tpm
Topsnelheid km/h
Transmissie
Aandrijving achterwielen
Wielophanging voor onafhankelijke wielophanging aan driehoekige draagarmen, schroefveren
Wielophanging achter starre as, schroefveren, stabilisator
Afmetingen (l x b x h) 4,48 x 1,69 x 1,46 m
Leeggewicht 1.140 kg
Acceleratie 0-100 km/h 16 s
Topsnelheid 155 km/h
Verbruik 12,0 l/100 km (1:8,3)
Alle gegevens volgens fabrieksopgave
Andere nieuwkomers in 1968
Natuurlijk hebben sommigen zich nu al twee afleveringen zitten verbijten achter hun toetsenbord: waar blijft mijn favoriet? Daarom noemen we nog kort wat belangrijke nieuwkomers in het fantastische autojaar 1968:
BMW 2002
1968 is een belangrijk jaar voor de fabrikant uit München: net na de jaarwisseling debuteert de sportversie van de 02 met 100 pk.
Ford 17M/20M P7
De buitenissig gelijnde voorganger werd een flop; zijn opvolger krijgt zodoende een strakker lijnenspel mee en weet tot begin 1972 veel mensen voor zich te winnen.
Mercedes /8 ('Strich-Acht', W114, W115)
De populaire middenklasser van Mercedes-Benz debuteert in januari 1968; het jaartal komt zelfs naar voren in de modelaanduiding.
Monteverdi High Speed 375 S
Het model maakt in 1967 zijn debuut tijdens de Autosalon van Genève. De High Speed vormt een belangrijke doorbraak voor Monteverdi.
Opel GT
De Opel-liefhebbers moeten drie jaar geduld hebben, want dan verschijnt eindelijk de productieversie van de Opel GT ten tonele. Vanaf september 1968 staat de GT in de showroom.
Wartburg 353 Tourist
De sedan is sinds 1966 leverbaar; in oktober 1968 vult de stationwagon het gamma aan.
Jaguar XJ
In september wordt de eerste generatie Jaguar XJ gepresenteerd, met een klassiek lijnenspel dat de Britten tot 2009 voortzetten.




