De Cadillac Seville bracht enorme schokgolven teweeg binnen Cadillac, vooral bij de vrij absurd gelijnde tweede generatie. Hier zien we de nog betrekkelijk gangbaar gelijnde eerste Seville. In het Nederlandse straatbeeld een desondanks zeer opvallende verschijning.
In de jaren 70 werd de Amerikaanse auto-industrie vanuit allerlei hoeken belaagd. Aan de ene kant had je de hoge brandstofprijzen vanwege de oliecrisis, aan de andere kant had je Japanse autofabrikanten die daar handig op in sprongen en vanuit weer een andere hoek pikten Europese fabrikanten een steeds grotere punt van de luxeautotaart. Cadillac zag zich daarom genoodzaakt om een nieuw model in het leven te roepen, waarmee het zowel de hoge brandstofprijzen als de Europese concurrentie het hoofd wilde bieden. In 1975 verscheen hij: de eerste Cadillac Seville.
Hoewel de Seville met zijn 5,18 meter lengte in Nederland behoorlijk imposant voor de dag komt, was het indertijd de kleinste Cadillac. De goedkoopste was het echter niet. Integendeel; de Seville stond qua prijs zelfs juist bovenaan de voedselketen. Hij moest echter met een overdaad aan luxe in een juist vrij handzaam formaat en met een strak ontwerp jonge rijke klanten trekken. Het bleek te werken; de Seville sloeg aan en in topjaar 1978 werden er bijna 57.000 van verkocht. De buitengewoon markant gelijnde en nota bene voorwielaangedreven tweede generatie schopte het niet zover.
Ondanks de nieuwe aanpak had de Seville natuurlijk nog wel gewoon een V8 in zijn neus. Hoe kan het ook anders. Je kon ‘m zelfs met diesel-V8 krijgen, maar dit exemplaar uit 1976 heeft de 5.7 die benzine (en in dit geval ook lpg) wil. In 2007 maakte dit exemplaar de oversteek naar Nederland. Afgelopen voorjaar ging hij naar zijn huidige baasje. Het is zo te zien een knappe auto. Dat was vast een van de redenen waarom AutoWeek-forumlid ‘D oh’ even stopte om deze foto’s ervan te maken. Bedankt!




