Bij de onlangs aangekondigde plannen van Stellantis werd duidelijk dat het merk Opel niet meer de grootste prioriteit van het moederconcern geniet. Dat betekent echter niet dat iedereen die Opel een warm hart toedraagt bij de pakken neer hoeft te zitten. Als een soort publiciteitsoffensief kondigde de Opel-CEO aan dat de volgende generatie Opel Astra gewoon weer in de Opel-thuisbasis Rüsselsheim ontwikkeld en gebouwd wordt.
De huidige Opel Astra is weliswaar net gefacelift en moet dus nog wel een jaar of vier mee, toch staat er weer een opvolger op stapel. Opel-CEO Florian Huettl garandeert daarmee ook dat de fabriek waar Opel al 127 jaar produceert in bedrijf blijft, en hij kondigde deze week ook aan dat de volgende generatie nog voor het einde van dit decennium op het nieuwe STLA-platform van Stellantis wordt gepresenteerd.
Naast de Astra staan er ook een nieuwe Corsa en een nieuwe C-segment SUV op het programma. Dat Opel nu wat meer openheid geeft over de productie in Duitsland moet uiteraard de gemoederen een beetje tot rust doen komen. De Duitse autoproductie staat immers zwaar onder druk. In een onderonsje dat de Opel-CEO deze week met de Duitse pers had, benadrukte de Opel-baas echter ook dat Opel nooit een globaal opererend merk geweest is, 85 procent van de zaken die het de afgelopen 127 jaar gedaan heeft, speelde zich af op ons continent. 'Opel is en blijft een Duits en Europees merk'. Dat was het zeker ook toen het nog tot het Amerikaanse General Motors behoorde.
De nieuwe C-segment SUV die samen met het tot Stellantis behorende Chinese Leapmotors komt, wordt ontwikkeld bij Opel in Rüsselsheim maar gebouwd in het Spaanse Zaragoza.






