De European Automobile Manufacturers’ Association (ACEA) spreekt zijn zorgen uit over de hoogte van de uitstootnormen die de Europese Unie voor personenauto's en lichte bestelauto's heeft vastgesteld voor 2025 en voor 2030.
De ACEA, een overkoepelende organisatie die spreekt namens de Europese auto-industrie, heeft naar eigen zeggen serieuze zorgen over de hoogte van de uitstootnormen voor personenauto's en lichte bedrijfswagens die het Europese Parlement voor jaar 2030 heeft vastgesteld.
Volgens de ACEA klinkt het streven om de CO2-uitstoot van personenauto's tegen 2030 met 37,5 procent (30 procent voor bestelauto's) terug te hebben gedrongen 'plausibel', maar is het een volledig onhaalbaar doel. Volgens ACEA is er bij het besluit alleen rekening gehouden met de politiek en is niet nagedacht over de "[...]technische en sociaal-economische situatie. Volgens ACEA zijn de leden, 15 Europese fabrikanten, toegewijd aan het terugbrengen van de CO2-uitstoot van hun modellen, maar deze doelen eisen te veel van de auto-industrie," aldus Erik Jonnaer, secretaris-generaal van de ACEA.
Volgens de ACEA zijn er nog te veel obstakels die het gebruik van auto's met "een alternatieve aandrijflijn" op grote schaal belemmeren. De overkoepelende organisatie noemt de prijs van auto's met een dergelijke aandrijflijn en de afwezigheid van een volledig dekkende laadinfrastructuur.
ACEA roept de 28 lidstaten en de Europese Commissie op om die zaken, met name de laadinfrastructuur, op orde te krijgen alvorens zulke strenge doelen te stellen.
