De basis van de Ford Focus en de Volvo V50 is gelijk. De V50 stamt immers uit het tijdperk dat de Zweedse autobouwer nog tot het Ford-concern behoorde en kreeg dus hetzelfde platform als de populaire Focus. Toch lag de nieuwprijs een stuk hoger. Dat prijsverschil is inmiddels een stuk kleiner en dus vraagt Marc Klaver zich af welke je dan moet hebben.
Feitelijk is het formaat auto uit het C-segment de best uitgerijpte grootte. Nuchter beschouwd heb je niet meer nodig en aan de andere kant heeft het ook weinig zin om een maat kleiner te gaan rijden. En heb je dan een stationwagon, dan kun je helemaal alle kanten op. Voldoende interieurruimte, een doorgaans fikse kofferbak en nog altijd redelijk bescheiden buitenmaten. Twee bekende vertegenwoordigers van dit soort zijn de Ford Focus en de Volvo V50. Beide verschenen in deze vorm in 2004. De Volvo kreeg in 2007 een facelift, de Ford in 2008. Met name de Zweed oogt nog altijd vrij tijdloos, hoewel de Focus er ook niet verouderd uitziet. Dat gegeven, plus het feit dat auto's langer meegaan, speelt zeker een rol in de prijs. Want laten we wel zijn: dik acht mille voor auto's die al bijna tien jaar oud zijn, is best een stevige prijs. Toch wordt het er grif voor betaald en door de schaarste op de occasionmarkt zal daar ook geen verandering in komen. Het populairst zijn dan de versies met de modale benzinemotoren, zoals wij die rijden. Dus een 1.6 of 1.8, een enkele keer een 2,0-liter. De diesels raken meer en meer uit de gratie bij de particulier vanwege dreigende milieumaatregelen en de steeds maar stijgende tarieven van de motorrijtuigenbelasting.
Stuurplezier
Zeg je Focus, dan zeg je stuurplezier. De eerste generatie blonk daar al in uit en ook zijn opvolger vormt daarop geen uitzondering, zo weten we na een rit met deze occasion. Dat is dan ook een eigenschap die vrijwel alle Focus-rijders prijzen in hun reviews. Dat begint al bij de uitstekende zitpositie, dankzij de goede verstelmogelijkheden van het stuur en de stoel. Ben je eenmaal onderweg, dan merk je direct hoe fijn deze auto stuurt. Heel mooi stabiel in rechte lijn en heerlijk precies zodra je instuurt voor een bocht of afrit. Het doet allemaal heel natuurlijk en vanzelfsprekend aan en je vraagt je af waarom niet alle auto's in deze klasse zo fijn kunnen rijden. De Focus in ieder geval wel! Ford heeft daarbij een vering en demping weten te ontwikkelen die verre van hard is. Een tikkie sportief wel, maar niet in de mate die je op grond van zijn goede rijeigenschappen zou verwachten. Waar eigenaren minder tevreden mee zijn, is het prestatieniveau van de 1,6-liter motor. Dat is allemaal maar net aan en het is jammer dat de versnellingsbak korte overbrengingen kent. Daardoor is het toerental op de snelweg te hoog, ook al vertaalt dat zich niet in motorlawaai. Het is eerder de subjectieve waarneming die maakt dat je je eraan gaat storen. Maar oké, bij 130 km/h is het geluidsniveau toch nog alleszins acceptabel. Heel erg zuinig is de Focus niet, dat deed zijn voorganger iets beter.
Grote kofferbak
Voor gezinsgebruik is een ruim interieur minstens zo belangrijk als een gunstig kostenplaatje. Je ziet meteen dat de Focus een stuk groter is dan de V50 en dat merk je met name op de achterbank en bij het inladen van bagage. Achterpassagiers hebben meer dan voldoende hoofd- en beenruimte en met een inhoud van iets meer dan vijfhonderd liter is de kofferbak domweg groot. In dit segment doen alleen de VW Golf Variant (505 liter) en Skoda Octavia Combi (580 liter) beter. En mocht dat niet voldoende zijn, dan kan er altijd nog een dakkoffer op, maar let er wel op dat niet alle types standaard dakrails hebben. Het interieur ziet er verzorgd uit en niet zo chaotisch als dat van de eerste generatie Focus. Een mooi, zacht dashboard en logisch geplaatste knoppen en schakelaars. Een misser is het feit dat de knoppen van de cruisecontrol (op het stuur) niet verlicht zijn. In het donker is het daardoor even zoeken of moet je uit je hoofd weten welke knop waarvoor dient. Zoals we dat gewend zijn bij Ford, ga je zelden met een karige uitrusting de weg op. De Titanium is de op één na compleetste versie en dat zie je. Lichtmetaal, cruisecontrol, automatische airco; het zijn prettige opties die allemaal aan boord zijn en de testauto heeft daarbij ook nog eens een navigatiesysteem.
Meer comfort
Een compacte Volvo die van de Focus is afgeleid; dat móet haast wel goed sturen. Ja, dat doet de V50 ook, maar toch heel anders dan de Focus. Hij voelt aan als een kleine V70 en is daarmee duidelijk als Volvo herkenbaar. De besturing is, in vergelijking met die van de Focus, een heel klein beetje wollig. Daarbij moeten we meteen aantekenen dat de testauto op een maatje kleinere banden rolt. Er zit iets meer beweging in de wang en dat vertaalt zich in een ander stuurgedrag en iets meer comfort. Net als in de Ford is ook hier de zitpositie goed en de kwaliteit van de voorstoelen zelfs een stuk beter. Ook daarin toont hij zich een ware Volvo. De rijeigenschappen zijn dan ook het best te omschrijven als rustiger dan die van de Focus. Dat geldt eveneens voor de vering. Het comfort staat op een hoger niveau, zonder dat de rijdynamiek daar al te sterk onder heeft te lijden. Want met de V50 kun je net zo goed en met speels gemak snoeihard een bocht nemen. Maar de manier waarop hij dat naar zijn bestuurder communiceert, is totaal anders, een stuk afstandelijker. Hij heeft iets meer pk's dan de Ford en weegt honderd kilo meer. Met name onderin is er meer trekkracht. Helaas is ook hier bij snelwegtempo het toerental te hoog, maar het blijft in het interieur wel wat stiller dan in de Ford. De compactere buitenmaten vertalen zich in een krapper interieur. In de hoogte en lengte zijn aanmerkelijk minder centimeters beschikbaar, dat is al snel duidelijk. Ouders met grote kinderen zullen al snel klachten vanaf de achterbank krijgen. Dat is soms de keerzijde van premium, zullen we maar zeggen.
Fraaiere materialen
Ook de bagageruimte is aanmerkelijk kleiner. Daar staat dan weer tegenover dat je tegen mooiere materialen aankijkt en een fraaiere vormgeving van het dashboard. Alles ziet er net even iets mooier en hoogwaardiger uit dan in de Ford. Dat mag ook, hij kostte destijds ook ruim zeven mille meer. Typerend voor de Volvo is de ranke middenconsole met de bekende grote knoppen voor de klimaatregeling. Aan de stuurkolom zitten twee opmerkelijk grote stengels voor de bediening van de ruitenwissers en de knipperlichten, met aan het linker exemplaar een handige draaiknop om door het menu van de boordcomputer te bladeren. Het instrumentarium is klassiek van opzet en perfect afleesbaar, net zoals dat in de Focus het geval is. Dit is weliswaar niet de meest luxe uitvoering, toch zijn alle belangrijke zaken wel aan boord, inclusief een multifunctioneel stuur voor bediening van audio en cruisecontrol.
De prijs van premium
Dat de Focus in een populairdere prijsklasse valt dan de Volvo, zien we aan de verkoopcijfers. In 2008 wist Ford 11.500 exemplaren aan de man te brengen, Volvo net geen 4.500. Nu zaten daar natuurlijk vier- en vijfdeurs Focussen bij, maar het aandeel van de Wagon was het grootst. De V50 was gezien zijn formaat best een prijzige auto, hij kostte meer dan een veel ruimere VW Passat of Ford Mondeo. Minder ruimte voor meer geld dus. Zeker, je krijgt er in dit geval een auto voor terug die in alle opzichten hoogwaardiger aandoet dan de Focus, maar je moet het er wel voor over hebben. Nu liggen de prijzen een stuk dichter bij elkaar. In het geval van de V50 wordt de lagere prijs deels bepaald door het feit dat onze testauto bij een universele handelaar te koop staat, terwijl de Focus wordt aangeboden door een Ford-dealer en daarnaast ook minder kilometers op de klok heeft. Wat uitrusting en veiligheidsvoorzieningen betreft, zien we geen grote verschillen. Vanaf die tijd hadden de meeste fabrikanten dat wel goed op orde en van Volvo mag je op het vlak van veiligheid sowieso wat extra's verwachten. Wil je een van deze auto's met een zwaardere motor, dan heeft Volvo de betere kaarten. De V50 werd immers ook geleverd met die heerlijke vijfcilinders van het merk. Als 2.4 en zelfs als T5, indien gewenst zelfs met vierwielaandrijving. De zwaarste motor voor de Focus is een tweeliter benzine. De instapper heeft een 1.4, bij de Volvo is dat een 1.6.
Dit artikel is gratis te downloaden in PDF-formaat. Hiervoor maak je eenmalig een AutoWeek account aan, waarna je onbeperkt uit het AutoWeek archief kunt downloaden.
Oordeel
Twee fijne gezinsauto's, waarbij de Ford je trakteert op beduidend meer ruimte. De Volvo pareert dat met meer rijcomfort, een fraaier interieur en een stijlvolle carrosserie. Auto's als deze bewijzen dat je voor een redelijk budget een complete en veilige occasion koopt waar je nog heel lang plezier van kunt hebben. Onze voorkeur gaat uit naar de Volvo, die – zij het zeer nipt – van de Ford weet te winnen. Maar eerlijk is eerlijk: heel groot zijn de verschillen niet.







Lezersreacties (37) (gesloten)
De discussie is gesloten.
Reageren is niet meer mogelijk.