Porsche en de anderen
Dubbele gevoelens. In Duitse autotests zie ik een geliefde Porsche eerst nipt verliezen en een andere krap winnen van twee veel goedkopere tegenstanders. Eerst gaat de Cayman door het stof voor de Audi TT 2.0 TSI, vervolgens pakt een 911 Carrera S één karig puntje voorsprong op de BMW M4.
Nou en? Kan gebeuren. Niemand is onaantastbaar, Audi en BMW zijn ook geweldig, smaken zijn smaken. Niettemin lees je tussen de regels een duidelijke en bezorgde boodschap: turbo is beter. In de Cayman-TT-vergelijking wordt expliciet uitgesproken dat de zescilinder van de kleine Porsche niet meer van deze tijd is. Dat kan veel efficiënter en goedkoper.
De conclusies komen met een stelligheid die Porsche maar zelden incasseerde. Ook in de voor het merk verder jubelende 911-evaluatie in Test Twee wordt terloops gerept van de 'verouderde aandrijvingsformule', en in de formulering klinkt de vraag door of zo'n ding met motor achterin nog wel is opgewassen tegen de messcherp uitgebalanceerde hightech van de BMW. Gelukkig wel dus. Met één punt verschil. Het was kielekiele.
Beide tests zijn de symptomen van een omslag in de sportwagenbeleving. Die wordt koeler, digitaler, minder onbesuisd. Voor een jongere generatie stuurlui, waaronder dus ook autojournalisten, is onze oldskool zescilinderromantiek niet meer navoelbaar. Mijn lichting autojongens wilde toeren maken zonder kunstmatige beademing. Voor de geslaagde Xbox-kiddo's die nu snorrend in een Golf R rondrijden staat zo'n basis-Cayman in een ander licht. Die hebben met hun viercilinder hightech-turbo's meer vermogen en meer koppel voor veel minder. De sportwagen ontwikkelt zich in het spoor van een maatschappij waarin de nuchter calculerende pragmaticus terrein wint op de onbehouwen macho.
Dat is precies wat de betrokken testredacteuren zelf waarnemen. "Alte gegen neue Sportwagenwelt", schetst de lead boven het Audi-Porsche-duel. "Wij zijn getuigen van de veldtocht van de digitale wereld", lees ik verderop. Gelukkig, schrijft het blad, komt Porsche óók met een turboboxer.
De geschiedenis herhaalt zich. Ik mocht ooit een stukje in een Ferrari 365 Daytona, die generaties voor mij in katzwijm bracht.
Rijden in een mythe is een eer, maar getoetst aan mijn door versere Ferrari's aangescherpte maatstaven viel de Daytona me als auto eigenlijk bar tegen. Hij reed als een muscle car, een grove sloep met veel koppel. Is dat nou alles?, dacht ik. Want ik had de opwinding die de Daytona in zijn geboortejaar veroorzaakte nooit meegekregen.
Zo pleegt elke autogeneratie zijn verplichte vadermoord. Maar het is wel iets waar Porsche langer dan vandaag bij stil zou mogen staan. De perceptie van een mythe kan snel kantelen. Anderzijds, sprak hij achteloos: ik reed laatst 330 in de 918 Spyder en, vergeef me de kapitalen, DAT WAS ME TOCH EEN GRENSVERLEGGENDE PARTIJ GEWELDIG! Later meer op papier.

Bas van Putten
Columnist/Schrijver
Bas van Putten is schrijver en columnist voor diverse kranten en tijdschriften. Zijn wortels liggen in de muziek, maar zijn hart gaat al jaren uit naar auto's.
Lees ook

Weblog Joas - Schuif nou eens op naar rechts!

Weblog Frank: Brandstofprijzen verlagen is als in je broek plassen

Weblog Jan: Stop de kitsch

Weblog Marc - Zijn achterlichten echt zinvol bij mist overdag?
