Nederland braadt

Peugeot 308

Terwijl Nederland nipt aan de zondvloed is ontkomen, gaan mijn gedachten uit naar de landgenoten in de megafiles tussen Vienne en Montélimar, waar ik net als bijna iedereen ook wel eens heb gestaan in de stompzinnige veronderstelling dat ik bij zou komen van een weekje Frankrijk. In principe hoef ik geen medelijden met ze te hebben. Ze kiezen er zelf voor. En ze hebben tegenwoordig meestal airco, de geluksvogels. Maar juich niet te vroeg.

Mijn eerste auto met airco was een Peugeot 306 break. Ik reed ermee naar de Côte d' Azur. Voor het eerst van mijn leven stond ik lachend in de file, zonder hoofdpijn. Het ei van Columbus. Airco, de mooiste uitvinding sinds het wiel en de vrouw.

Halt: boven dit succesverhaal pakken zich donkere wolken samen. Er zijn twee pretbedervende factoren. De klimaatverandering. En de autofabrikanten zelf.

Ten eerste wordt het elk jaar warmer, wat klimaatrelativisten ook zeggen. Zelfs in noordoost-Nederland, domein van oerhollandse verworvenheden als hunebedden en aardappelvelden, bezwijkt mijn pergola verdacht mediterraan onder de druiventrossen. Over een jaar of tien teel ik opium in mijn achtertuin, tussen de wuivende palmen. Drenthe, het Jamaica van de lage landen.

Ten tweede zijn designers dol op grote ruitoppervlakken. Ze moeten wel. Om de luchtweerstand te verlagen worden voorruiten steeds verder afgevlakt. Gevolg: meer glas. Moderne auto's dreigen rijdende bakovens te worden. Het begon me te dagen toen ik met de 307 van mijn ouders, zo'n sierlijk glaspaleis met panoramadak, op de heetste dag van een hittegolf strandde in de ochtendspits van Montpellier. Elektronische klimaatregeling, niks aan de hand. Tot ik de eerste zweetdruppels over mijn nek en voorhoofd voelde lopen en besefte dat de met orkaankracht blazende koeling een vergeefse strijd voerde tegen het hitte-offensief van een genadeloze ochtendzon. Binnen werd het langzaam lauw, nog net te doen maar even klef als een glas bier na twee minuten in de zon.

Als ik die nieuwe Peugeots zie, of al die doorzon-mpv's met hun enorme glaspuien, dan vrees ik het ergste. Weten die airco's raad met temperaturen boven de 35 graden en vijf dampende inzittenden aan boord? Hoe dan ook: de installaties draaien overuren, met navenante gevolgen voor het brandstofverbruik. Zo wordt het streven naar CO2-reductie deels tenietgedaan door het broeikaseffect van de aerodynamica en hebben we niet voor het eerst een aardig voorbeeld van vooruitgang die per saldo een stap terug is. Stap voor de grap eens in zo'n mooie hoekige oldtimer als de Alfa Giulia, met zijn rechte zijruiten en bijna staande voorruit. Ook zonder airco blijft het in zo'n auto zelfs op warme dagen relatief lang koel.

Kortom: Ik vraag me af hoe bestuurders van een nieuwe Peugeot 308 of een C4 Picasso zich na hun monsterrit van Leidschendam naar Barcelona vanavond op de camping voelen. Misschien zie ik spoken, maar ik ben benieuwd naar hun verhalen.

Lezersreacties (12)

Reageren

Maak melding van misbruik

Let op! Deze functie is niet bedoeld om zelf een commentaar toe te voegen. Optioneel kun je er een opmerking bij plaatsen.

Er is iets mis gegaan. Probeer het later nog eens of e-mail ons.