Nu ik toch iets anders overweeg schiet me te binnen dat een suv niet eens zo'n gek idee is als je in wilt krimpen. Je hebt alles onder één dak. Ruimte, comfort, veiligheid, het slome truck-gevoel dat me in Disco's II en III zo goed beviel, met wat geluk de terreinvaardigheid die in deze ijselijke dreven vaker van pas komt dan me lief is. De kans op winterse vastlopers is met een four wheel-drive zo goed als nul. Ander voordeel is dat hij je, mits groot genoeg, niet in verleiding brengt voor elk wissewasje in de auto te stappen. Het onhanteerbare formaat stimuleert bewust gebruik. En zo te zien word je heel rustig van zo'n schip: suv-rijders rijden in mijn perceptie aangenaam voorzichtig, alsof ze stomverbaasd zijn dat ze zoiets groots besturen. Bovendien heb ik er nooit een gehad, en je moet alles eens gedaan hebben.
Dit zijn allemaal slappe smoezen. De waarheid is: ik vind zo'n trekker stoer. Het zal de leeftijd zijn. Rubber en staal als dekmantel voor middelbaar verval, de stiekeme verliefdheid op de hoge instap – ja mensen, rug- en nekklachten.
Zou een X5 niet iets zijn? Het vorige model staat als een huis en schrijft af als de beurs op Black Monday. Een 3.0D moet genoeg zijn. De XC90 begin ik trouwens ook steeds mooier te vinden. Wat heb ik al die tijd gezeurd; het is wel degelijk een echte Volvo. Ik krijg er zin in. De suv, het ei van Columbus. Of is dit nou een heel domme gedachte?
Dankzij de MRB-calculator op autoweek.nl heb ik meteen het antwoord; ja! Drieëntwintighonderdachtenveertig euro per jaar verlangt de staat voor een diesel-Beemer of XC. Think of it: daar heb je een auto voor! En dat betalen mensen! Nou begrijp ik weer waarom die krengen zo goedkoop zijn.

