Wat je 1300 kilometer zuidelijker in de krant leest gebeurt echt; de EV verovert Noorwegen. In maart dit jaar stonden er al 90.000 EV's en meer dan 60.000 plugins op kenteken, waarmee nu 35% van het wagenpark met een stekker is uitgerust. In 2020 moeten er 400.000 stroomauto's op de weg zijn en vijf jaar later zal voor de verbrandingsmotor volgens plan zo'n beetje de doodsklok luiden.
Het kan dus. De Noren zijn rijk en gedisciplineerd genoeg om hun deadlines te halen. Ze doen er ook wat voor. Je koopt of least EV's belastingvrij, betaalt een minimale wegenbelasting of een lage bijtelling. Je mag met twee inzittenden op de busbaan rijden, gratis parkeren, gratis op de tolweg en de pont. Al staat een deel van die cadeautjes alweer ter discussie, de staat laat zich de kaas niet eeuwig van het brood eten, tot nu toe hebben ze gewerkt.
Het geheim is prikkels, zegt Ståle Frydenlund van de Noorse EV-vereniging Elbil Forening bij de perspresentatie van de Opel Ampera-E in Oslo. En groene stroom, die ze dankzij hun waterkrachtcentrales in overvloed hebben. Wij zullen het met zon en molens moeten doen. Kan ook. Je hoeft het alleen maar genoeg te willen.
Wat ik daar als petrolhead van vind dreigt snel een achterhaalde vraag te worden. Het is een uitgemaakte zaak dat dit de toekomst is. Ik zie de tijd van de auto's die we kenden en beminden op zijn einde lopen. Ik zie het iets meer dan de gewone consument omdat ik er als journalist nu eenmaal bovenop zit. Maar in Oslo komt het plotseling wel heel dichtbij, dat merkwaardige het-is-met-ons-gedaan-gevoel.
Ik onderga het met een mengeling van hoop en berusting. De hoop dat een enorm ecologisch probleem eindelijk effectief wordt aangepakt. De berusting in de teleurstelling dat ik die fiscaalvriendelijke Volvo V70 D5 wegens sterk toegenomen dieselpesterij van de bucketlist kan afvoeren. Ik merk dat ik de youngtimers uit mijn systeem begin te bannen: past history. Mijn kleine collectie benzinefossielen zou wel eens een blok aan mijn been kunnen worden.
Ik had mezelf beloofd op stroom over te stappen zodra het laadpalen- en actieradiusprobleem was opgelost. In Oslo stel ik vast dat dat moment ook bij ons binnen een paar jaar onvermijdelijk aanbreekt. Best raar om die wetenschap niet meer als een groenlinkse utopie voor je uit te kunnen schuiven. We laten echt een tijdperk achter ons.
Ik stap in de Ampera-E en rijd er 220 kilometer mee. Het bijladen was een demonstratie-onderdeel van het testtraject, maar het had niet gehoeven. De effectieve actieradius van de Opel bedraagt in heuvelachtig gebied en bij temperaturen iets boven nul al 350 kilometer. Die zou je in Nederland zonder enige reserve kunnen aanschaffen. Op de klimaatneutrale stroomvoorziening na is alles opgelost.
Nu wij nog. En nu ik nog. Arme Benzen.

