Nederlanders hebben in het eerste halfjaar duidelijk vaker getankt bij Duitse en Belgische tankstations. De Nederlandsche Bank (DNB) heeft nu concrete cijfers over automobilisten die profiteren van de lagere benzineprijzen over de grens.
Pomphouders in de grensregio's klaagden al langer over het verlies aan klandizie door de hogere accijns en btw op brandstoffen in Nederland. De cijfers bevestigen dat er inderdaad aardig wat over de grens getankt wordt. Nederlanders rekenden 20 procent vaker af bij Belgische en Duitse tankstations dan een jaar eerder en gaven daarbij 32 procent meer uit. Het totale aantal kaartbetalingen van Nederlanders bij tankstations in Duitsland en België liep op tot 25 miljoen. Het afgerekende bedrag kwam uit op 1,5 miljard euro.
De prijzen voor benzine en diesel stegen na het begin van de Iranoorlog tot recordniveaus. Tegelijkertijd waren de prijzen per liter in de buurlanden gemiddeld soms tientallen centen lager dan in Nederland. Daardoor loonde het ook steeds meer om de grens over te steken om goedkoper te tanken.
De stijging was het sterkst in België. Het aantal Nederlandse kaartbetalingen nam daar met een derde toe tot 11,3 miljoen, voor een totaalbedrag van 593,6 miljoen euro. In Duitsland steeg het aantal betalingen met 11 procent tot 14,2 miljoen. Daar werd bij tankstations voor 872,4 miljoen euro afgerekend.
DNB signaleert ook dat Nederlanders de afgelopen vier jaar steeds vaker in Duitsland boodschappen doen. Het aantal Nederlandse kaartbetalingen in Duitse supermarkten bedroeg in de eerste jaarhelft 14,2 miljoen, ruim het dubbele in vergelijking met de eerste helft van 2022.
