De mini-MPV was de koning van de gekke deurtjes
En heel praktisch
Yaris Verso, Meriva, Modus … Ooit waren kleine MPV’s zo populair als kleine SUV’s nu. Ze waren praktisch, ruim en hadden bijna allemaal een opmerkelijke affiniteit met ongebruikelijke deurtjes en klepjes.
De MPV is vrijwel helemaal verdwenen. Je kunt zo een boek schrijven over hoe zonde dat is, vooral om dat de SUV’s van tegenwoordig in geen enkel opzicht kunnen tippen aan het praktisch gebruiksgemak van de auto’s die specifiek met het oog op dat gebruiksgemak zijn ontwikkeld, in plaats van op uiterlijk vertoon. Om dat gezeur wat in te perken, richten we onze nostalgie vandaag volledig op de kleinsten onder de MPV’s. De zogenaamde B-segment MPV was zelden of nooit een zevenzitter, maar combineerde het praktische en betaalbare van een compacte auto met zoveel mogelijk ruimte.
In de praktijk bleek deze combinatie niet zelden vooral ouderen aan te spreken. Terwijl gezinnen toch eerder kozen voor een Zafira, Scénic of Touran, al dan niet met zeven zitplaatsen, wisten mensen van rond of na de pensioenleeftijd de weg naar Meriva’s, Modussen en B-Maxen feilloos te vinden. Dat is zeker niet gek, want behalve de zo gewenste hoge instap boden deze auto’s veel overzicht en voldoende ruimte om vrienden en/of kleinkinderen mee te nemen. Het imago van bejaardenmobiel kleeft enigszins aan de genoemde modellen, waarbij het vaak wat saaie uiterlijk niet helpt.
Het begon al in 1999 met de Yaris Verso, die een zijwaarts openende laaddeur had.
Toch waren de kleine ‘busjes’ niet alleen maar saai. Juist in dit segment lieten autofabrikanten zich van een uiterst creatieve kant zien als het gaat om deuren en kleppen. Waar vrijwel iedere andere auto het vrij conventioneel houdt bij vier portieren en een grote of kleine achterklep, ging de Toyota Yaris Verso meteen vreemd van start met vier portieren en één grote, maar zijwaarts openende achterdeur om in de bagageruimte te komen. De latere Renault Modus deed het nog gekker, want deze auto was optioneel verkrijgbaar met wat Renault een ‘bootchute’ noemde. Dat was een extra luik in de achterklep rond de kentekenplaat. Dat luikje opende naar beneden en kon je zo gebruiken om op kleine, krappe plekjes even kleine spullen in te laden. Een leuk idee dat in de praktijk kennelijk weinig voordeel bood, want bij de facelift van de Modus in 2008 verdween het opmerkelijke luikje van het toneel.
Opel deed het aanvankelijk rustig aan met de deurtjes en klepjes van de Meriva, en concentreerde zich bij de eerste generatie op een extra flexibel interieur met een achterbank die in een soort vip-modus kon worden gezet. Bij de tweede generatie Meriva in 2010 gingen de ingenieurs in Rüsselsheim echter helemaal los. De auto kreeg naar áchteren openende achterdeuren, als ware het een Rolls-Royce Phantom. Ongekend in het betaalbare segment.
Fords was met de conventionele Fusion in 2002 trendsettend vroeg met een compacte cross-over, maar verscheen wel laat op het mini-MPV-feestje. De B-Max werd pas in 2012 gepresenteerd, maar sloeg de concurrentie wel meteen om de oren met – alweer - gekke deurtjes. De compacte Ford kreeg heuse schuifdeuren mee en had bovendien geen B-stijl zodat er na het openen van die schuifdeur en de voordeur één groot gat ontstond. Het kost serieus geld om zoiets te ontwikkelen, maar kennelijk zag ook Ford de noodzaak om met dit segment met wat geks te komen op deurengebied. Helemaal de eerste met zo’n B-stijlloze oplossing was Ford niet, want al in de jaren 80 deed Nissan hetzelfde met de Prairie. Juist: eveneens een compacte, maar ruime en hoge MPV-achtige. Wat is dat toch …
Ontdek deze occasions: had je ze al gezien?
Lees ook

Wat hadden we graag naar de BSO willen boenderen met de Opel Meriva OPC ...

Met deze vergeten 'MPV's' heb je voor €4.500 een praktische occasion

Opel Meriva 1.4 Turbo – 2012 – 347.764 km - Klokje Rond

Schuiven met stoelen in een MPV voor €6.000



