De Hyundai i30 N behoeft bijna geen introductie meer, want iedereen lijkt inmiddels te weten dat dit de auto is waarmee de Koreanen zich voorgoed op de kaart willen zetten in de wereld van de hot hatch. In hoeverre de heftig uitgedoste nieuweling daarin slaagt, mag hij laten zien tegenover een imponerende vertegenwoordiger van de gevestigde orde: de 300 pk sterke Seat Leon Cupra!
'Halo car'; dat is de term die Amerikanen geven aan dure, snelle topmodellen van alledaagse merken. Die auto's hebben als voornaamste doel om aandacht te trekken en de merkbeleving naar een hoger plan te tillen. Als er iets van de stoerheid van het topmodel afstraalt op de rest van het aanbod, kan dat al een bijzonder positief effect hebben op het imago van de desbetreffende fabrikant en daarmee op de verkoopcijfers. Na een paar dagen in de Hyundai i30 N kunnen we niet anders dan concluderen dat deze auto bijzonder geslaagd is als halo car. Overal waar de helderblauwe Koreaan verschijnt, weet hij de blikken zijn kant op te krijgen. Met name jonge mensen stoten elkaar aan en wijzen de snelste i30 bewonderend na, om als het even kan nog snel een plaatje te schieten. Dat is een bijzondere prestatie van een merk dat tot nu toe vrijwel volledig aan dit soort liefhebbers voorbijging. Tegelijkertijd zijn al die blikken goed verklaarbaar. De helderblauwe kleur wordt namelijk ondersteund door een agressieve voorbumper met een forse rode(!) splitter en donkere koplampen met priemende ledpitjes. Verder naar achteren krijgt het veelal zwarte spoilerwerk een vervolg in stevige sideskirts en een forse achtervleugel, waarin een karakteristiek, driehoekig remlicht is verwerkt.
De achterkant wordt aan de onderzijde afgerond door een scherp gesneden bumper waarin het aanzienlijke zwarte gedeelte wordt afgewisseld met – opnieuw – rode accenten en twee gigantische uitlaateindstukken. Hoofden die door het uiterlijk niet draaien, doen dat alsnog door het geluid uit de stortkokers. Zelfs in de mildste stand laat de i30 duidelijk weten er zin in te hebben. Wie de uitlaatkleppen volledig openzet, krijgt al snel ruzie met de buren. Stationair klinkt er dan een doordringende brom, maar naarmate de motor in toeren klimt, gaat dat snel over in een scherp gebrul. Ter verhoging van de feestvreugde geeft de i30 bij terugschakelen automatisch tussengas, terwijl gas los in 'N-mode' resulteert in een geknal en geplof dat alleen op oudejaarsavond onopgemerkt kan blijven.
Bikkelhard
Hyundais eerste hot hatch zal dus niet snel worden aangezien voor een regulier gemotoriseerd model met een sportpakketje. De trend om alledaagse auto's aan te kleden met R-Line-, R-Design- of AMG-achtige opsmuk, is misschien wel precies wat de Leon Cupra ervan weerhoudt om erg onderscheidend te zijn. Met zijn grote luchtinlaten, priemende ledlampen en enorme wielen oogt de Seat ontegenzeggelijk sportief, maar soortgelijk opgetuigde Leons zijn inmiddels een veelvoorkomende verschijning. De Cupra onderscheidt zich van FR-broeders met gigantische remschijven en -klauwen die maar net achter de spaken van de fraaie 19-inchwielen passen en een uitlaat met een eindstuk aan beide zijden. Het buizenstelsel brengt een lekkere, donkere brom voort, al kan die niet in de schaduw staan van het geweld dat uit het achterste van de Hyundai komt. De geteste Leon heeft nog een opvallend kenmerk: het is een SC, dus een driedeurs-variant. Seat is één van de weinige merken die deze carrosserievariant nog levert in de compacte middenklasse, zij het met minimaal 180 pk. Wie graag een breder inzetbare Cupra heeft, kan ook voor een vijfdeursvariant óf voor de stationwagonversie ST kiezen. De Hyundai is er vooralsnog in slechts één variant: deze vijfdeursvariant.
Ook aan de binnenkant straalt de i30 N sportiviteit uit, al is de auto hier minder extreem uitgedost dan aan de buitenzijde. De meest in het oog springende elementen zijn de grote, helderblauwe knoppen op het stuurwiel, die in de standaard i30 ontbreken. Met het linker exemplaar blader je langs de rijmodi 'Normal', 'Sport' en 'Eco', het rechter is voor de heftigste standen 'N' en 'Custom'. De laatste is volledig naar eigen smaak in te delen via het fijne infotainmentsysteem, dat is gekoppeld aan een prettig hoog gepositioneerd touchscreen. Andere typische N-kenmerken zijn de pookknop en de sportief gevormde stoelen. Mede dankzij de zittingverlengers zitten die fijn, maar helaas staan ze een tikje te hoog in de auto. Echt diep wegzakken achter het stuur behoort niet tot de mogelijkheden. Gelukkig wordt dat smetje op het sportieve blazoen direct goedgemaakt als we gaan rijden. Het eerdergenoemde uitlaatgeluid zet de toon, maar ook de zware besturing en dito koppeling maken direct duidelijk wat voor vlees we hier in de kuip hebben. De pook laat zich in de versnellingen klikken zoals dat ooit was voorbehouden aan Japanners: met veel gevoel en nagenoeg zonder speling.
Het circuit
Ook het onderstel is snaarstrak. De stand 'Comfort' verdient die naam eigenlijk niet, want ook in deze configuratie is de i30 N behoorlijk stug. Tenminste, voor wie stand 'N' nog niet heeft geprobeerd. Het beroeren van de magische knop op het stuurwiel ontdoet de veerpoten van vrijwel al hun incasseringsvermogen. Ook wordt de motor op scherp gezet, gaat de uitlaat volledig open en wordt het sperdifferentieel extra alert. Denk er een rolkooi bij en je kunt zo het circuit op, want wát een hardcore apparaat is deze auto nu! Dat Hyundai voor deze auto BMW M-specialist Albert Biermann heeft aangetrokken, is elke tel voelbaar. De haarscherpe besturing laat exact weten wat de auto doet, de hoeveelheid grip lijkt eindeloos en van overhellen is dankzij de bikkelharde onderstelafstemming eigenlijk geen sprake. De 2.0 T-GDi-motor past uitstekend bij dat hitsige karakter en hangt in de sportiefste stand als een bezetene aan het gas. Het blok in de i30 N komt standaard tot 250 pk, maar met het Performance Pack van de testauto worden dat er 275. Hoewel dat anno 2018 niet wereldschokkend veel is voor dit segment, is de motor altijd bij de les en voelt de i30 N heerlijk fel aan. Onder droge omstandigheden kunnen de voorwielen het vermogen ongetwijfeld goed aan, maar onder de hevig winterse omstandigheden van onze testweek is het oppassen geblazen. Rustig rijden met de i30 N kan, maar de auto nodigt altijd tot scheuren. Zijn stugheid, het zware sturen en het erg aanwezige motorgeluid blijven je herinneren aan zijn karakter, maar wie wil, kan hiermee gewoon naar zijn werk rijden.
Als dat het doel is, ben je bij Seat echter aan een beter adres. De met alcantara beklede stoelen bieden nog meer steun dan de Koreaanse zetels en bovendien zit je hier dieper. Er is een sportief stuurwiel met een afgeplatte onderkant, maar verder gaat het er behoorlijk zakelijk aan toe in de Leon. Alleen het ambitieuze getal '300' op de snelheidsmeter en de Cupra-logo's op stuurwiel en pookknop verraden waar hij aan de hand is. Tijd om ook deze opgefokte vierpitter te starten. De donkere brom die eerder werd aangestipt, is eigenlijk een understatement, want met maar liefst 300 pk is deze Leon echt razendsnel. Met een opgegeven 0-100-tijd van 5,7 seconden is de auto nóg sneller dan zijn tegenstrever, die behalve minder krachtig ook flink zwaarder is. Boven de 3.000 tpm is er geen houden meer aan de TSI en zoeken de voorwielen, zeker bij nattere weersomstandigheden, regelmatig naar grip.
Rust en comfort
Het 2.0 TSI-blok is in dit geval gekoppeld aan een handgeschakelde zesbak. Dat is in theorie goed nieuws voor puristen, maar door die bak valt des te meer op dat dit een totaal andere auto is dan de brutale nieuwkomer in deze test. Het koppelingspedaal geeft eenvoudig mee en de pook laat zich bedienen zoals in elk ander Volkswagenproduct. Ook de besturing is aanzienlijk lichter dan die van de Koreaan. Na de i30 komt de Leon over als een oase van rust en comfort en wie wil, kan hier dagenlang mee rijden zonder ooit te merken wat er onder de motorkap huist. Vereiste is dan wel dat de rijmodus 'Cupra' onaangeroerd blijft. Net als in de i30 kun je diverse standen kiezen. De Leon is in de sportiefste stand vergelijkbaar met de i30 in zijn meest comfortabele modus. Dat de Leon nooit knetterhard wordt, betekent niet dat het een afstandelijke dwell is. Snel bochtenwerk is vermakelijk en uitdagend en op droog asfalt kan deze auto ongenadig hard de hoek om. Maar door de lichte, minder communicatieve besturing en het iets meer over zijn lengteas rollende koetswerk is het speelgoedgehalte van de Spanjaard simpelweg minder hoog. Hij betrekt zijn bestuurder veel minder bij het rijden, maar geeft daar wel een aanzienlijke dosis comfort en toegankelijkheid voor terug.
Zoals we dat van Hyundai gewend zijn, is het leveringsgamma van de i30 N overzichtelijk. De belangrijkste keuze is die tussen de standaard N en de High Performance-versie. Behalve 25 extra paarden biedt het Performance Pack een maatje grotere wielen met plakkende Pirelli-banden, grotere remschijven, het geweldige variabele uitlaatsysteem, een stabilisatorstang in de kofferruimte en een elektronisch aangestuurd sperdifferentieel. Het pakket kost € 3.000, maar is een must voor wie het onderste uit de kan wil halen. Daarnaast is er nog de keuze tussen de uitrustingsniveaus N1 en N2. Zonder Performance Pack staat de N1 voor € 39.995 op de prijslijst. Met standaard onder meer ledverlichting rondom, navigatie, klimaatregeling en cruisecontrol, keyless go en een enigszins teleurstellend klinkend audiosysteem met Bluetooth en DAB+ zit de versie al lekker in de spullen. De N2, die met 250 pk € 42.495 kost, voegt daar elektrisch verstelbare en verwarmbare stoelen, fraaiere bekleding en nog wat kleinigheden aan toe. Onze testauto is een N2 High Performance, een combinatie die voor € 46.495 te boek staat. Behalve een kleur – wij bevelen dit blauw van harte aan – is er dan alleen nog een schuifdak aan te vinken.
Dat de zaken bij Seat ingewikkelder zijn, komt allereerst door de eerdergenoemde keuze uit drie carrosserievarianten. Met een vanafprijs van € 42.350 is de driedeurs SC nipt goedkoper dan de € 42.700 kostende vijfdeurs Cupra, die echter wel beter vergelijkbaar is met de i30. Voor de basisprijs monteert Seat onder meer ledkoplampen, alcantara bekleding, een instelbaar onderstel, gescheiden klimaatregeling en een uitgebreid infotainmentsysteem met een groot touchscreen, maar zonder navigatie. Wie dat wel wil en zijn Leon qua snufjes meteen op het niveau wil brengen van de i30 N in standaardtrim, doet er goed aan om € 2.400 te spenderen aan de Upgrade Professional 3. Dan verschijnt er een reeks usb-aansluitingen en parkeersensoren, DAB+-radio en nog wat snuisterijen. Ook bij deze auto kun je kiezen voor een pakket met de naam Performance, al leidt dat hier niet tot extra vermogen. Voor € 2.950 biedt de Upgrade Performance 19-inchwielen, enorme Brembo-remmen en sideskirts. Wie daarnaast nog voor de verwarmbare, maar niet elektrisch verstelbare kuipstoelen van de testauto gaat, overschrijdt al snel de 50.000 euro-grens.
Dit artikel is gratis te downloaden in PDF-formaat. Hiervoor maak je eenmalig een AutoWeek account aan, waarna je onbeperkt uit het AutoWeek archief kunt downloaden.
Oordeel
Wie op zoek is naar een leuke, snelle allrounder voor alledag, moet de Seat Leon Cupra zonder twijfel op zijn verlanglijstje zetten. Zijn brute kracht blijft verbazen en wie wil, kan veel lol hebben met de Duitse Spanjaard. Aan het einde van de dag behoort een comfortabele, rustige rit naar huis eveneens tot de mogelijkheden. Wie echter dag in, dag uit met een enorme grijns achter het stuur wil zitten en daar graag een paar offers voor brengt, kan niet om de Hyundai i30 N heen. Wát een pretmachine is deze Koreaan!






