Klassiekergids

Pontiac Firebird (1967-2002)

    Print     Mail
Dat General Motors met de Chevrolet Camaro een succesnummer in huis had, leek al kort na de introductie van de nieuwe ‘pony car’ het geval. En dus bedacht GM om de auto ook als Pontiac uit te brengen, in dat geval onder de naam Firebird. Het chassis en de carrosserie was zo goed als helemaal hetzelfde als die van de Camaro, maar natuurlijk waren er de nodige verschillen om de auto’s van elkaar te kunnen onderscheiden. Geïntegreerde bumpers, een andere grille, achterlichten, interieur en extra chroomlijsten waren daarbij de meest in het oog springende aanpassingen. Bij de introductie van de Firebird in 1967, was de auto leverbaar met een zescilinder lijnmotor met een inhoud van 3.769 cc en een vermogen van 167 pk. Daarnaast was er een sterkere zescilinder (215 pk) en waren er V8-en met inhouden van 5.3 liter (250 en 285 pk) en 6.6 liter (325 pk). Los daarvan was er naast een coupé ook een cabrioletuitvoering. In de eerste twee jaar verkocht Pontiac in totaal 277.380 Firebirds, daarna deed een nieuwe versie zijn intrede. Deze had een compleet nieuwe carrosserie en was nu niet meer als cabriolet verkrijgbaar. Wel was er vanaf 1969 een supersterke uitvoering – Trans Am genaamd. Met een 7.5 liter V8 en vermogens tot 370 pk, aangepaste wielophanging, en de nodige uiterlijke aanpassingen, was dat de ultieme Firebird. Ook voor de opvolgende modellen - leverbaar vanaf respectievelijk 1974 en 1977 - verschenen Trans Am-varianten, en tegen die tijd was de Trans Am verreweg de populairste van de hele Firebird-reeks geworden. Die populariteit kreeg nog eens een injectie toen de auto een heldenrol kreeg te spelen in de cultfilm Smokey and the Bandit, waarin een Trans Am in handen van Burt Reynolds in waanzinnige achtervolgingsscènes te zien was. Ook op televisie maakte een Trans Am trouwens furore, dit keer als K.I.T.T. in handen van ‘Knight Rider’ David Hasselhoff. Tegen die tijd was het vermogen van de Trans Am wel enorm teruggelopen. De ‘ultieme Firebird’ had wegens de strengere milieu-eisen eind jaren zeventig nog maar 145 pk over, al kwam er in 1980 een versie met turbo die goed was voor 220 pk’s. De Firebird van de derde generatie werd tot en met 1992 gebouwd. Ook die auto kreeg overigens nog een opvolger, maar in 2002 was het voorgoed afgelopen met de sportieve Pontiac.