Klassiekergids

Toyota Celica (1970-1977)

    Print     Mail
Nadat Toyota met de 2000 GT heft bewezen dat het in staat is om ook échte sportwagens te bouwen, besluit men in Japan dat de tijd is aangebroken om een betaalbare sportieve coupé te maken met een viercilindermotor. Het is de Celica die wordt onthuld op de Tokio Motorshow in oktober 1970. Al twee maanden later is de auto leverbaar. Het is een prachtig geproportioneerde coupé zonder b-stijl en met plaats voor vier personen. Amerikanen noemen hem wel ‘Mini Mustang’ omdat hij qua vorm overeenkomsten heeft met de Ford Mustang. Zo lijken de achterlichten van de Celica bijvoorbeeld sterk op die van de Ford. Voor de Europese markt zijn drie versies leverbaar: de LT, ST en GT waarbij de viercilinders drie verschillende inhouden hadden: 1.407, 1.588 en 1.968 cc. De laatste van die drie heeft bovendien dubbele bovenliggende nokkenassen en levert een vermogen van 130 pk, terwijl de 1,4 liter-versie 86 pk levert. De auto is behoorlijk compleet, maar toch is de optielijst ook nog altijd lang. Er zijn zaken als elektrisch bediende zijruiten, airconditioning plus een keur aan metertjes en klokjes leverbaar. Bij ons – en ook in de rest van Europa – moet de Celica vooral de concurrentie aangaan met auto’s als de Opel Manta en de Ford Capri. Iets dat gezien het productie-aantal van anderhalf miljoen geen enkel probleem is voor deze Toyota. Wie een grotere coupé wenst, kan bij Toyota vanaf 1971 terecht voor de Crown. In 1977 wordt de Celica opgevolgd door de tweede generatie.

Foto's en video's bij dit artikel

Toyota Celica (1971)