Weblog | Genoegen met minderVolgend jaar komt Honda met een Civic met ‘kleine’1,6-liter turbodieselmotor. Het Japanse merk wil er volgens de Nederlandse importeur mee gaan scoren op de zakelijke markt. Tja, een Civic waarmee dat beter kan, heeft Honda binnenkort niet meer. Als de dealers de laatste Civics Hybrid heeft verkocht, is het gedaan met deze uitvoering. Althans in Nederland. Honda heeft wel een nieuwe editie van de hybride Civic, maar die komt niet hier naartoe. Jammer voor de Nederlandse Honda-organisatie, want de mooie tijden die het met de hybride beleefde, keren natuurlijk niet terug met de dieselende Civic. De 1.6 i-DTEC, zoals de auto voluit heet, stoot naar verluidt weliswaar minder dan 100 gram CO2 uit per kilometer, maar duikt niet onder de grens van 91 g/km. Geen veertien procent bijtelling dus voor de zakelijke berijder van deze auto. Het moet voor Honda in Nederland toch storend en frustrerend zijn dat het moederbedrijf in Japan de markt hier te lande zo gering vindt dat het niet eens moeite doet de nieuwe hybride Civic bij ons te introduceren. Het vindt het ogenschijnlijk maar nauwelijks de moeite in ons kikkerlandje auto’s aan de man te brengen. De waarheid is echter dat men in het hoofdkantoor in Japan de big picture in de gaten houdt, en dat grotere plaatje laat zien dat de hybride in Europa gewoonweg minder in trek is dan in bijvoorbeeld de Verenigde Staten waar Honda wel een nieuwe Civic Hybrid lanceert. Doekje voor het bloeden is dat Honda bij ons nog altijd de Insight en de Jazz Hybrid heeft in het fiscaal meest vriendelijke segment. Die twee modellen zullen het gat dat de Civic Hybrid laat deels moeten opvullen. En het model Civic zelf, dat zal met een mindere populariteit genoegen moeten nemen. Maurice de Bouvère |
43 reacties | 12-01-2012 09:49
Gedragsregels AutoWeek.nl:
|
Over Maurice de Bouvère
NAAM: Maurice de Bouvère
HOBBY’S: Verzamelen van miniatuuruitvoeringen van auto’s waarmee ik gereden heb. Het kleinste kamertje in huis is opgeofferd aan een aantal vitrines waarin ze staan te pronken.
EERSTE AUTO: Een Alfa GTV 2.0 uit 1977, die ik samen met een vriend beheerde en opknapte. Met z’n tweeën was autorijden als scholier immers beter te behappen dan alleen. Het lumineuze idee om de Italiaan in de Marlboro-kleuren te spuiten, zodat hij ogenschijnlijk rechtstreeks van het circuit kwam, had tot gevolg dat de Alfa-pret snel voorbij was. Oom agent maakte al kort nadat de auto de spuiterij verlaten had, ernstig bezwaar tegen de kleurcombinatie rood-wit; onze GTV vertoonde te veel overeenkomsten met een surveillancewagen van de hermandad. Nader onderzoek op het bureau bracht aan het licht dat er ook technisch wel het een en ander aan onze vierwieler schortte en het achterlaten van onze trots bleek de enige optie.
DROOM: Een klassieke cabriolet in de garage naast het huis. Beide zijn overigens een droom.
EIGENAARDIGHEDEN: Tja, wat moet je met een kamer vol miniaturen als je er nauwelijks naar omkijkt? In een stoel gaan zitten om er een uur naar te staren, doe ik niet. Blijkbaar is de wetenschap dat ik ze heb voldoende bevredigend.
HOE BIJ AUTOWEEK GEKOMEN: De bovenmatige interesse voor auto’s zat er al jong in. Als snotneus op m’n eerste skelter hoefde ik niet om te kijken om te zien welke auto op het punt stond langszij te komen; dat had ik aan het motorgeluid al lang gehoord. Naar merk en type hoefde ik op jonge leeftijd nooit te gissen. De benzine is in het bloed gebleven, en toen ik de kans kreeg om na enige omzwervingen bij AutoWeek aan de slag te kunnen, heb ik ook geen moment geaarzeld.
Laatste weblogs Maurice de Bouvère
Overige webloggersCategoriënLaatste reacties |