Slideshow

De crisis gaat nooit meer over

Ik stam uit een tijd dat een dikke auto hoog op de prioriteitenlijst stond van bijna elke vent. Een cowboy heeft een paard, een moderne vent een gave auto. Dat werk. En daar wil je dus graag een paar extra centen op stukslaan. Allemaal blabla, zo is inmiddels wel gebleken nu ik leeftijdsgenoten om me heen zie rondrijden in hybride stofzuigers en driecilinder grasmaaiertjes. Allemaal om een paar rotcenten bijtelling of MRB te besparen. Goed jongens, onttrek je maar aan de belasting, ik betaal wel voor jullie met mijn bescheiden cabriootje, daar onder zijn kleed in mijn garage. Ik zou niet met jullie willen ruilen.

Ach, als de crisis straks voorbij is mag het weer leuk zijn, verzuchten we dan met z'n allen. Eh, de crisis voorbij? Zijn er echt mensen die geloven dat deze crisis voorbij gaat? Je kunt er allerlei vernunftige economische rekenmodellen op los laten, maar ik heb altijd geleerd dat je een vraagstuk het beste kunt oplossen door het eerst zo ver mogelijk te vereenvoudigen.

Welnu: toen ik op de lagere school zat, leerde ik dat er vijf miljard mensen op deze planeet leefden. Dat waren er toen al veel te veel, want het overgrote deel daarvan had chronisch te weinig te eten. Inmiddels zijn dat er zeven miljard. Een toename van veertig procent in nog geen half mensenleven. And counting. En die moeten allemaal uit dezelfde ruif eten die veertig jaar geleden al te krap was. Sterker, door de globalisering komen er nog veel meer eters bij. Ooit was het overzichtelijk: daarginds waren ze arm, wij waren rijk. Af en toe stuurde je er een container met over datum zijnde crackers heen. Konden zij weer even eten en ons geweten was weer gezuiverd. En dwars door Europa liep een hek. Aan de ene kant was het ellende, bij ons feest. We richtten wat kernkoppen op elkaar en waren wederzijds bang. Mooi evenwicht, dus hadden we per saldo geen last van ze.

Maar ja, dat hek werd weggehaald. En nu willen al die Oost-Europeanen het werk van onze ambachtslieden voor de helft van het geld doen. Met als gevolg dat laatstgenoemden op straat komen te staan. We spreken er met z'n allen schande van, maar als we zelf een schuurtje gemetseld moeten hebben... Tja, crisis hè? Het is niet zo gek ingewikkeld. Ooit leerden we bij natuurkunde de wet van de communicerende vaten: je zet de verbinding open en de druk vloeit van hoog naar laag. Je haalt de grens weg en de rijkdom vloeit van rijk naar arm. Wel zo eerlijk, maar dat noemen wij nu crisis.

Tja, en nu wil de hele derde wereld inmiddels ook autorijden. En net als wij elk jaar bij een nieuw abonnement een nieuwe smartphone. En dat met z'n zeven miljarden. Hun goed recht natuurlijk, maar daar heb je die communicerende vaten weer. En voor al die liefhebberijen is olie nodig. Daar heeft de natuur honderden miljoenen jaren aan gewerkt, en wij hebben in zo'n anderhalve eeuw het grootste deel daarvan opgesoupeerd. En terwijl de bodem in zicht komt, gaan wij steeds harder slurpen. Als je er goed over nadenkt, is het volslagen bezopen. En ja, ik doe vrolijk mee. Vorige maand nog met het vliegtuig op vakantie geweest, en ik pendel wekelijks per auto op en neer tussen mijn huis in Nederland en dat in België. Om maar te zwijgen over de hoeveelheden benzine, diesel en kerosine die ik beroepsmatig verbras.

De crisis voorbij? Ik zie twee mogelijke oplossingen. Of we vinden olie op Mars en verbouwen graan op de maan. Of het aantal mensen wordt met minstens de helft teruggedrongen. De eerste oplossing is volslagen onmogelijk, de tweede volslagen onethisch. Dus geniet nog even van je zielloze hybride of driecilinder hokje, nu het nog kan. En kijk straks bij het tanken even goed naar dat prijzenbord en neem het moment goed in je op. Zodat je er straks beeld bij hebt als we met z'n allen wegmijmeren naar die mooie tijd, vóór de échte crisis, toen de literprijs van benzine nog onder de twee euro lag.