|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| 14 juli 2011 | Print Mail Houd me op de hoogte |
Die vorige 5-serie was een redelijke schok voor conservatieve BMW-fans, die waarschijnlijk nog niet eens bijgekomen waren van de vorige generatie 7-serie. Inmiddels heeft de verantwoordelijke designbaas Chris Bangle het stokje overgegeven aan onze eigen trots Adrian van Hooydonk, die toch duidelijk een andere weg is ingeslagen. Het traditionele design is weer terug bij de nieuwe 5-serie, codenaam F10. De relatief grote nieren zijn gebleven, maar verder is het absoluut geen nekkendraaier. Tijdens de testperiode kreeg de auto opvallend weinig aandacht, behalve van BMW-rijders. Volgens sommigen is de gelijkenis met de huidige 3-serie te groot, maar wij vermoeden dat de tijdloosheid van het model BMW geen windeieren zal leggen.
De BMW-cockpit doet zeer denken aan de nieuwe 7-serie en de 5-serie GT en dat is natuurlijk een compliment. Als je de kaalste 5-serie aanschaft, moet je in elk geval beginnen met het bestellen van de comfortzetels, want deze hebben overduidelijk toegevoegde waarde. En bovendien heb je er letterlijk iedere kilometer profijt van. Verder springt het grote tft-scherm natuurlijk in het oog. BMW heeft na een (te lange?) trialperiode het iDrive-systeem inmiddels geperfectioneerd: het werkt subliem.
Zescilinder
De tijd dat een typeaanduiding daadwerkelijk wat te maken had met de motorinhoud, ligt ver achter ons. Zo heeft onze 523i de beschikking over dezelfde 3,0-liter zescilinder als in duurdere modellen, alleen in dit geval met 204 pk. In dit type dus nog geen viercilinder met turbo. Jammer? Nou, dat valt wel mee. De zes-in-lijn pakt zo mooi op bij lage toeren dat we geen moment turbobehoeftes hadden. De loop van het blok is bovendien heel zuiver en hij klinkt nog lekker ook. Je merkt in de hoge toeren wel dat de zescilinder een beetje geknepen is (de 528i met 256 pk heeft precies dezelfde motor), maar echt storend is dat pas als je kruissnelheid dik boven de 160 km/h ligt. Het blok wordt overigens geholpen door een prima achttrapsautomaat. Die houdt de toeren zeer laag, maar doet bij een toefje gas meteen twee trapjes terug, zodat de auto perfect reageert als je wilt accelereren.
Ook zonder active steering en adaptief onderstel is de 5-serie een opvallend comfortabele auto. BMW heeft de auto opvallend soepel gemaakt. De soms wat harde demping van het vorige model is verdwenen, maar dat maakt de auto niet minder dynamisch. Het stuurgedrag blijft gewoon dé norm in autoland, en hoewel de auto nu iets overhelt als je gaat rammen, kun je nog steeds met een vreselijk tempo de bocht in. Wie echt hardcore wil gaan, moet wel het instelbare onderstel aanschaffen, maar ook zonder deze optie is de 5-serie al goed. Het dynamische onderstel is niet eens een must have. Voor active steering geldt dat iets minder, omdat een korte, directe stuurbeweging heel erg lekker is.
Het totaalbeeld zal duidelijk worden: de 5-serie is een van de beste auto’s die er te koop is. Mensen die geen BMW rijden vanwege ‘het imago’ moeten misschien maar eens wat minder aan de buren en wat meer aan zichzelf gaan denken.
Eindoordeel
|
||||||||||||||||||||||
| Brandstof | ![]() | benzine |
| Cilinders | ![]() | 6 in lijn |
| Kleppen/cilinder | ![]() | 4 |
| Brandstofsysteem | ![]() | directe inspuiting |
| Cilinderinhoud | ![]() | 2996 cc |
| Maximaal vermogen | ![]() | 150 kW/204 pk bij 6100 tpm |
| Maximaal koppel | ![]() | 270 Nm bij 1500 tpm |

bij total loss: autowaarde garantie +10%
BMW M5 – Jaguar XKR-S Coupé |